Archeologie zonder diepgang

Archeologie

Het museum in het meest romantische kasteel van Vlaanderen, dat van Gaasbeek, krijgt een vernieuwd concept. Dit gaat gepaard met restauratiewerken aan het kasteel, uitgevoerd door het Departement Cultuur, Jeugd en Media, samen met het agentschap Facilitair Bedrijf. Het agentschap Onroerend Erfgoed stuurde daarbij aan op een grondig historisch en archivalisch onderzoek naar het ontwerp, de beplanting en de ornamenten van de binnentuin. De laatste aanleg van deze tuin, in neorenaissancestijl, dateert uit het einde van de 19de eeuw en viel samen met de opkomst van historische of historiserende tuinstijlen. 

Tussen 17 en 21 mei voerde het agentschap Onroerend Erfgoed een aanvullend tuinarcheologisch onderzoek met wetenschappelijke vraagstelling uit. Er werden enkele proefsleuven gegraven en een aantal grondboringen gezet. De opgraving werd gecoördineerd door archeoloog Geert Vynckier, bijgestaan door Ben Bellefroid. 

Men ging op zoek naar antwoorden op enkele duidelijke, vooraf gestelde vragen: 

  • Welke was de funderingsopbouw, de verhardingscomponent en de eventuele afboording van de tuinpaden en -bedden in de binnentuin van het kasteel?
  • Zijn er restanten van funderingen in het midden van sommige parterres aanwezig, waarop een tuinornament kan ingeplant geweest zijn?
  • Welk type verharding lag er op de smalle paadjes tussen de buxushagen in de oorspronkelijke tuin?

Grijsgroen laagje

Daarom werden verspreid over de tuin vijf sleufjes met beperkte diepte gegraven en werden dertien grondboringen gezet. Na het verwijderen van de huidige laag steenslag (foto bovenaan) op de paden, troffen de onderzoekers op een diepte van slechts enkele centimeters een hard, grijsgroen laagje aan, en dit in alle proefsleuven. Het laagje beperkte zich tot de paden, maar was niet door een of andere afboording gescheiden van de parterres. Welk materiaal men gebruikt heeft voor dit laagje is nog niet duidelijk. Het kan gaan om zogenaamde korrelslak of slakkenzand, ook wel gekend onder de Franse namen ‘laitier-granulé’ en ‘sable-laitier’, een verglaasd restproduct uit de hoogovens van de staalindustrie. Nader microscopisch onderzoek zal hier hopelijk uitsluitsel over geven. Onder dit grijsgroene laagje zat een versteend ophogingspakket van ca. 85cm dik, bestaande uit vermengde baksteen-, mortel- en kalksteenfragmenten.

Schilderachtig 

Uit het onderzoek blijkt dat de smallere, secundaire paadjes tussen de buxushagen in het verleden een rode steenslagverharding hadden. Vermoedelijk gaat het om rode mijnsteen, een gebrand granulaat van leisteen en kalksteen dat afkomstig is uit de steenkoolindustrie. Met die rode steenslag creërde men een kleurcontrast met de hoofdpaden, die uitgevoerd waren in grijze steenslag. Samen met de verschillende kleuren groen van het gras, de haagjes en de decoratieve snoeivormen van taxus en buxus, moet dit een schilderachtig uitzicht gegeven hebben vanuit de bovenste ramen van het kasteel.

Emmer

Zoals gehoopt werd in een onderzoekssleuf in het midden van een grasperk, op een 20-tal cm diepte, een restant aan van een bakstenen fundering gevonden. Die was gedeeltelijk vernield door een latere uitgraving, met daarin een plastic emmer. Toch kunnen we veronderstellen dat er ooit op deze plaats een grote tuinvaas stond. Het originele tuinplan vermeldt immers de aanwezigheid van “quatre vases au milieu des parterres intégrées par un caré rouge”. Van de emmer is op het plan geen sprake.
De informatie uit dit in tijd, omvang en diepte beperkt tuinarcheologisch onderzoek, van een tuinaanleg waarvan er in Vlaanderen nog maar weinig voorbeelden bekend zijn, is belangrijk voor de herwaardering van deze laat 19de-eeuwse tuin. Samen met de resultaten van het aangekondigde archivalisch bronnenonderzoek (tuinplannen, foto’s, prentkaarten, aantekeningen, rekeningen,…) zullen ze de basis zijn van interessante aanbevelingen voor een verantwoorde renovatie van deze Vlaamse toptuin. Het kasteelmuseum en de groene binnenplaats zullen vanaf voorjaar 2023 opnieuw toegankelijk zijn voor het publiek.

Foto links: Onder de huidige laag steenslag troffen de onderzoekers een grijsgroen laagje van zogenaamde korrelslak aan. 

Foto midden: De secundaire paden hadden een rode steenslagverharding, vermoedelijk van rode mijnsteen.

Foto rechts: In een grasperk vond men een bakstenen fundering van een tuinornament. Vreemd genoeg is er in een latere fase een plastic emmer ingemetst.