De archeologische rijkdom van onze bossen

Archeologie

Vlaanderen is één van de dichtstbevolkte en dus ook intensief gebruikte regio’s ter wereld. Het hoeft dan ook geen uitgebreid betoog om te beseffen dat het archeologisch en historisch erfgoed al sterk versnipperd is. Dagelijks wordt het in grote mate aangetast en verdwijnt het door allerlei bouwwerken, landbouw, etc. Gebieden met een ‘historisch stabiel’ landgebruik, waar in de laatste eeuwen weinig bodemingrepen door de mens zijn uitgevoerd, zoals een groot aantal van de bossen in Vlaanderen, vormen dan ook zeldzame ‘schatkamers’ voor dit erfgoed.

 

Tot voor kort was het erfgoedpotentieel van deze bossen grotendeels onbekend. Het dichte bladerdek verhindert immers de prospectie naar archeologische sporen door bijvoorbeeld luchtfotografie. En omdat in de bossen weinig ingrepen gebeurden, kwamen slechts sporadisch archeologische vondsten aan het licht. Door de realisatie van het Digitaal Hoogtemodel Vlaanderen, en de verwerking ervan in zeer hoge resolutie, is de archeologische kennis van deze gebieden de laatste jaren echter enorm uitgebreid. Met laseraltimetrische opnames kunnen we dwars door het bladerdek ‘kijken’ en zo de topografie van de bosgebieden in minutieus detail in kaart brengen. 

Digitaal hoogtemodel van Postel, met duidelijk zichtbare grafheuvels 

Een bijzonder spectaculair resultaat hiervan is de ontdekking van honderden hectaren aan bewaarde zogenaamde ‘Celtic Fields’, vooral in de bossen van het Kempens Plateau (Limburg) en in de Antwerpse Kempen. Celtic Fields is een enigszins misleidende en historisch scheef gegroeide naam. Deze akkers dateren in oorsprong immers vanaf ca. 800 vóór Christus (de vroege ijzertijd). Dat is enkele honderden jaren vóór de Kelten in onze gebieden arriveerden. Het gebruik van de akkers blijft wellicht doorlopen tot in de Romeinse periode. Misschien is de Nederlandse term ‘raatakkers’ wel een betere benaming. Het is een term die betrekking heeft op de vorm van de akkercomplexen: een gestructureerd geheel van akkerpercelen van ca 40 op 40 meter, waarbij elke akker omgeven is door een lage, brede wal. Vandaag zijn deze akkers met het blote oog nauwelijks zichtbaar doorheen de ondergroei in de bossen, maar op het Digitaal Hoogtemodel vormen ze uitzonderlijk goed bewaarde prehistorische landschappen van soms enkele honderden hectaren groot. Deze uitgestrektheid en hun grote aantal, vooral op het Kempens plateau, is nagenoeg uniek in Europa. Eén van de grootste complexen, dat van het Kolisbos, werd dan ook recent beschermd als archeologische site. Maar een aantal andere, zoals de complexen van de Lindelse Heide, Ophovenerheide en de Moorsberg, verdienen ongetwijfeld ook een dergelijk statuut. We moeten ons bij deze Celtic Fields overigens geen blauwdruk voorstellen van een intens bevolkt gebied. Het ging eerder om zones die bewoond werden door enkele families, verspreid over een paar boerderijen. 

Een nog nauwelijks herkenbare grafheuvel in Kaulille

Onderhoud van het terrein waar de grafheuvel zich bevindt, gebeurt met paarden om de ondergrond niet te verstoren

Van die bewoners kennen we ook de begraafplaatsen, grafheuvelcomplexen zoals de eveneens recent beschermde site van Kaulille Dorperheide. Op dat vlak levert het Digitaal Hoogtemodel bijzonder belangrijke nieuwe informatie. Er duiken op verschillende plaatsen ongekende grafheuvels en complexen van grafheuvels op, soms zelfs types die tot op heden ongekend waren in Vlaanderen. 

Maar daar houdt het niet op, want het hoogtemodel toont in de bossen nog een groot aantal andere types van relicten: houtskoolmeilers uit de middeleeuwen, ‘boerenschansen’ uit de honderdjarige oorlog, loopgraven en andere sporen van activiteit in de beide wereldoorlogen, en een reeks sporen en relicten waarvan de juiste aard en datering momenteel nog niet gekend zijn. Daarbij moeten we ons steeds realiseren dat deze in de topografie zichtbare relicten meestal slechts het spreekwoordelijke topje van de archeologische ijsberg zijn. Tussen en rond de zichtbare grafheuvels bijvoorbeeld, bevinden zich meestal nog talrijke andere grafstructuren zonder bovengronds relict. 

Maar, om het met een cliché te stellen, onbekend maakt onbemind. En jammer genoeg dikwijls ook onbeheerd. Dit belangrijke erfgoed is immers kwetsbaar, zeker wanneer er in functie van bosbeheer met zware machines in de bossen wordt gereden (b.v. plaggen, ontbossen, grondverzet, …). Een lichte aanpassing van de werkwijze van het bosbeheer, en rekening houden met de diverse vormen van erfgoed, kan echter al veel schade vermijden. In sommige gevallen is dit erfgoed ook gebaat met een ‘actief’ beheer. Schade kan immers ook ontstaan door bijvoorbeeld het omwaaien van bomen, zogenaamde ‘windvallen’, waarbij het lostrekken van de wortelkluit relicten kan beschadigen. 

Bij een windval werd deze urne uit een grafheuvel gerukt door de wortels van een boom

Een ontdekking in het voorjaar van 2019 is daar een mooi voorbeeld van. Op een recent beschermd grafveld in Postel werd een urne met crematieresten door zo een windval uit een grafheuvel getrokken. Als beheersmaatregel, maar ook in het kader van de dunning van het bos, werden daarom alle bomen op en rond de gekende grafheuvels omzichtig verwijderd. 

Het vele erfgoed in de Vlaamse bossen biedt bijzonder veel kansen. Er gaan immers mooie en interessante verhalen achter schuil, die soms teruggaan tot de schemerige wereld van de prehistorie. Soms komen ze ook heel dichtbij, zoals bijvoorbeeld relicten uit de wereldoorlogen. Aan de hand van deze nieuwe kennis kunnen die verhalen ter plaatse worden verteld, door panelen langs wandelpaden, of via brochures, geleide wandelingen, etc. 

Rekening houden met dit erfgoed in de dagelijkse praktijk, en deze verhalen vertellen, is echter niet altijd een eenduidige en eenvoudige zaak. Maar er is ondertussen op verschillende bestuursniveaus veel expertise en ondersteuning aanwezig. Hiervoor verwijzen we naar de contactgegevens hieronder. 

 

Dit artikel verscheen eerder reeds in aangepaste vorm in het tijdschrift Bosbelang

Auteurs: Erwin Meylemans en Joyce Paesen