Het Nieuws, 1400 AD: "Pandemie veroorzaakt crisis in de bouwsector"

Bouwkundig erfgoed

Deze kop zou niemand verbazen, dit of volgend Corona-jaar. Toch maakten we – onze voorouders althans – het al eerder mee. Pestuitbraken, politieke onrust en een wankele handelsrelatie met Engeland (doesn’t that sound familiar as well?) veroorzaakten in de 14de eeuw een maatschappelijke en economische crisis van jewelste. In Brugge, toen een draaischijf van internationale handel, sloeg de crisis hard toe. Maar blijkbaar werd niet iedereen financieel even hard getroffen.

 

Een synthese van alle dendrochronologisch onderzoek op middeleeuwse dakkappen en historische houtconstructies uit Brugge, illustreert hoe de bouwsector er in die tijd aan toe was. De jaarringen op het hout leren ons immers exact wanneer elke dakkap werd gebouwd, verbouwd of hersteld. Tellen we veel dakkappen in een bepaalde periode, dan beleefde de bouwsector hoogdagen. Registeren we weinig tot geen bouwactiviteit, dan kunnen we van een crisissituatie uitgaan. Doorheen de geplaagde 14de eeuw zien we globaal een dalende trend in de bouwactiviteit in Brugge, met zelfs een volledige stilstand rond 1400. Pas een eind in de 15de eeuw zien we dat er weer nieuwe gebouwen bijkomen (zelfs stadspaleizen), of oudere panden opgewaardeerd worden. Blijkbaar hebben de pandemie en de economische malaise tijdens de 14de eeuw, de bouwheren financieel onderuit gehaald. Maar wie zijn die bouwheren, en zaten ze allemaal in geldnood? 

 

Voor de bouw van een dakkap had men in de 14de eeuw een enorme hoeveelheid hout nodig. (Links: de abdijschuur Ter Doest in Lissewege. Rechts: de zoldering van een woonhuis aan de Spinolarei in Brugge.)

 

Als we religieuze gebouwen (kerken, kloosters), publieke infrastructuur (ziekenhuizen, stadhuis, …) en private huizen apart bekijken, zien we duidelijke verschillen. De private huizenbouw kent al vroeg in de 14de eeuw een dip, maar herstelt zich … tot de eerste grote pestuitbraak in 1349 er stevig op inhakt. Ook daarna worden bijna een eeuw lang geen grote, nieuwe, particuliere projecten meer opgestart. De kerk daarentegen, lijkt aanvankelijk weinig hinder te ondervinden van de maatschappelijke en economische moeilijkheden. Bestaande kerken worden verder uitgebreid of afgewerkt (Onze-Lieve-Vrouwekerk, Sint-Gilliskerk, …). Tot de kerk eind 14de eeuw blijkbaar toch de financiële gevolgen begint te voelen, en ook de door hen gefinancierde bouwactiviteit stilvalt. De bouw van het Brugse stadhuis viel in 1380 zelfs volledig stil en kon uiteindelijk maar afgewerkt worden rond 1420. Pas in het tweede kwart van de 15de eeuw zien we opnieuw bouwactiviteit, zoals de bouw van Hof Bladelin en de recent gerestaureerde Gruuthusekapel. Niet toevallig gefinancierd door de rijkste elite van Brugge.

De 14de eeuw was duidelijk geen makkelijke periode, die begon met een aantal mislukte oogsten, meerdere ‘golven’ in de pestepidemie en economisch woelige tijden. Op een bepaald moment had elke laag van de Brugse maatschappij het hard te verduren en was ook voor de rijksten de financiële bodem bereikt. Zelfs voor de kerk, die het langst aan de crisis kon weerstaan. Al zal een toegenomen vroomheid (en bijhorende schenkingen) vanuit de gekwelde bevolking misschien wel een extra cent hebben opgeleverd. Uiteindelijk zijn het toch weer de machtigste en rijkste families die als eerste uit het financiële dal klimmen en nieuwe stadspaleizen laten bouwen.

 

De dakkap van de Broedervleugel in het oude Sint-Janshospitaal in Brugge.

Boven de deur van dit huis op het Kraanplein in Brugge is het jaartal 1270 te lezen, de veldatum van de bomen in de dakkap.

 

De synthese van het jaarringenonderzoek op dakkappen van Brugse monumenten is recent verschenen als “The ups and downs of the building trade in a medieval city: tree-ring data as proxies for economic, social and demographic dynamics in Bruges (c. 1200 – 1500)”, door dendrochronologen Kristof Haneca (agentschap Onroerend Erfgoed) en Patrick Hoffsummer (Université de Liège), en bouwhistoricus Vincent Debonne (agentschap Onroerend Erfgoed).

Hier kan je tijdelijk gratis het volledige artikel lezen