Kuier eens door de prehistorie van Vlaanderen

Archeologie

Sinds 2013 bakent het agentschap Onroerend Erfgoed archeologische zones af via een thematische insteek. In dat kader lanceerden we het thema ‘Sites en sitecomplexen uit het finaalpaleolithicum en mesolithicum’. Daarin wordt een aantal archeologische sites uit deze periodes gebundeld. Een aantal van die zones is eveneens beschermd als archeologische site. Dit bestand zal in de toekomst verder aangevuld worden.

 

 

Momenteel komen jager-verzamelaarsgemeenschappen nog maar in een klein aantal gebieden in de wereld voor.  Tot relatief kort geleden, in het licht van de menselijke evolutie althans, was dat ook bij ons het geval. De eerste boerengemeenschappen arriveerden in onze regio pas rond 5000 vóór Christus, waarna het nog vele eeuwen zou duren voor deze leefwijze de meest gangbare praktijk was.

 Vooral na de geleidelijke afloop van de laatste ijstijd kwamen grote groepen mensen naar onze contreien, gelokt door het warmere klimaat en de toenemende vegetatie en fauna. We spreken van het finaalpaleolithicum (de laatste fase van de oude steentijd), ongeveer 14.000 jaar geleden. Deze jager- verzamelaarsgemeenschappen worden bij ons vooral aangeduid met de term ‘Federmesser-culturen’. Die periode wordt gevolgd door de midden-steentijd of mesolithicum, waarvan de laatste fase (van de zgn. Swifterbantcultuur) nog overlapt met het verschijnen van de eerste landbouwgemeenschappen (tot ca. 3400 vóór Christus). 

Vele duizenden jaren lang leefden deze mensen in onze gewesten van de jacht, visvangst en pluk. Al snel wordt dan gedacht aan ‘primitieve’ mensen en gemeenschappen, maar niks is minder waar. Er was uiteraard geen wifi of 4 of 5G, laat staan online shopping of pakjesdiensten. Maar toch waren er al uitgebreide langeafstandsnetwerken voor het ontginnen, verhandelen en ruilen van sommige producten. Dat leiden we af uit onder andere de verspreiding van sommige vuursteensoorten. 

Jammer genoeg zijn, met uitzondering van enkele zeldzame sites, de overblijfselen van deze jager- verzamelaarsgroepen eerder beperkt. De archeologische vondsten van hun woon- en jachtplaatsen bestaan doorgaans ‘slechts’ uit spreidingen van stenen werktuigen, resten van verkoolde zaden en vruchten, of verbrand bot van jachtwild. Wanneer de bewaaromstandigheden het echter toelaten, vinden we een veel rijkere en diverse materiële cultuur, met ook voorwerpen in been, leer, hout, etc. 

Met een nieuw thema in de Inventaris Onroerend Erfgoed, ‘Sites en sitecomplexen uit het finaalpaleolithicum en mesolithicum’, bieden we via de verschillende voorbeeldzones verspreid over heel Vlaanderen, hopelijk een kleine inkijk in de archeologische diversiteit van deze periode. Denk daarbij even al het beton weg, en beeld je uitgestrekte bossen en heldere rivieren in, het geluid van een oerrund of edelhert in de verte, en de sensatie van een kleine snee in de onderkant van je voet, want de kinderen hebben na het vuursteen kappen hun probeersels niet opgeveegd… 

Foto: David Hawgood, CC BY-SA 2.0