Sensibilisering en regelmatig onderhoud, ook bij archeologie!

Archeologie

De meeste mensen in de erfgoedsector kennen Monumentenwacht, de door de Vlaamse provincies en Onroerend Erfgoed gesubsidieerde ledenorganisatie die zich inzet voor het regelmatig onderhoud van historisch waardevolle objecten. Maar lang niet iedereen weet dat er een specifieke afdeling is die zich be

Waarom is Monumentenwacht Archeologie er precies gekomen? 

Nele Goeminne: Ook voor archeologisch erfgoed is het van belang dat de fysieke toestand periodiek en systematisch opgevolgd wordt. Meestal gaat het om ‘onzichtbaar’ erfgoed, dat bij het grote publiek weinig bekend is. Die archeologische relicten zijn net daardoor zeer kwetsbaar. Vanuit Monumentenwacht willen we meewerken aan de draagvlakverbreding, door eigenaars en beheerders op diverse manieren te ondersteunen in de zorg voor dit erfgoed. 

Wie zijn die eigenaars en beheerders?

NG: Daar zijn enkele particulieren bij, maar toch hoofdzakelijk lokale besturen. Bij het merendeel gaat het om ‘zichtbare’ archeologische sites, zoals mottes en grafheuvels. Maar er is ook de gekende neanderthalersite van Veldwezelt. Dat is een zeer kwetsbare site, waarvan de toestand frequent opgevolgd wordt, in samenwerking met erosiespecialisten, bodemkundigen, biologen, enz.Maar ons doelpubliek beperkt zich niet tot eigenaars of beheerders. Iedereen die een vraag heeft over preventieve conservering en monitoring van archeologische sites, kan bij ons terecht. We hebben veel expertise rond beheer en behoud in situ en hebben hierover ook een uitgebreide (digitale) bibliotheek, die we graag ter beschikking stellen. 

Waaruit bestaat de service van Monumentenwacht Archeologie? Is er veel verschil of overlapping met de werking van Monumentenwacht ‘Classic’? Kunnen beide inspecties eventueel gelijktijdig gebeuren?

NG: Onder het Monumentenwachtmotto “voorkomen is beter dan genezen”, voeren we op vraag van eigenaars en beheerders zogenaamde visuele toestandsinspecties uit op archeologische sites, net zoals Monumentenwacht ‘Classic’ dat doet. Indien het om een bouwkundige site met archeologische resten gaat, zoals een ruïne, doen we dit vaak samen met de bouwkundige monumentenwachters van de betrokken provincie. 

Vooraleer we op het terrein gaan, kijken we een aantal bronnen na, zoals de CAI, beschermingsdossiers of opgravingsrapporten. Zo krijgen we een beter idee van de verstoringsgeschiedenis en de kenmerken van de archeologische site: type en aard van de in situ bewaarde of te verwachten resten en sporen, diepteligging van de archeologische resten, enz. Eens ter plekke aangekomen, brengen we de voornaamste aantastingen en behoudsrisico’s in kaart. We hanteren hiervoor onder andere het bekende systeem van de ‘Tien Schadefactoren’ en de parameters van de ‘Standaard Archeologische Monitoring’. Soms voeren we op het terrein ook kleine werkjes uit, zoals het verwijderen van beginnende begroeiing. Naderhand maken we op kantoor een rapport met de belangrijkste bevindingen en aanbevelingen voor onderhoud en beheer. Dit wordt uitgebreid toegelicht aan de eigenaar/beheerder. Zo’n rapport kan ook de start zijn van een verder ontsluitingstraject dat door andere partners, zoals de Regionale Landschappen of de Intergemeentelijke Onroerenderfgoeddiensten, opgevolgd wordt. Ook bij de opmaak van een onroerenderfgoedbeheersplan voor een archeologische site komt de informatie uit de periodieke monitoring natuurlijk goed van pas. 

Bestaat er in de ons omringende landen een gelijkaardige service? 

NG: Tot 2013 bestond er in Nederland de ‘Archeologische Monumentenwacht’ (AMW). Dat was een particuliere stichting die in 1991 opgericht werd met steun van het Prins Bernhard Cultuurfonds. De AMW controleerde archeologische monumenten op verval of aantasting, adviseerde inzake beheer en onderhoud en gaf inhoudelijke en beheertechnische voorlichting. In Engeland worden de beschermde archeologische sites systematisch gemonitord via het ‘Heritage at Risk’ programma van Historic England.

Hebben jullie een groot team?

NG: Ik ben momenteel de enige monumentenwachter archeologie in dienst van Monumentwacht. Ik behoor niet tot een provinciaal team, maar tot Monumentenwacht Vlaanderen, dat opereert vanuit ‘den Wolsack’ in Antwerpen. Niettegenstaande die vestiging in Antwerpen, werk ik op sites in gans Vlaanderen, vaak in samenwerking met andere monumentenwachters. 

Hoe ziet je werkdag eruit? 

NG: Elke dag ziet er anders uit. Momenteel voer ik prospectiebezoeken uit om de toestand van alle beschermde archeologische sites beknopt in kaart te brengen. Er staan ook altijd wel wat inspecties op de planning. En een dikke maand geleden is ons eerste beheersplan voor een beschermde archeologische site afgewerkt en ingediend bij Onroerend Erfgoed. 

De rest van dit jaar werk ik aan een belangrijke screening van ons bouwkundig ledenbestand. In ons databanksysteem zit een nieuwe toepassing, waarin we elk bouwkundig object kunnen aanvullen met archeologisch relevante informatie en aanbevelingen.Het is belangrijk om net die leden te sensibiliseren en informeren over het archeologisch belang van hun site, en hen te wijzen op de specifieke regelgeving. Daarvoor dienen ook onze informatiebladen. We hebben er nu vier in totaal. Drie over de archeologische waarde van historische kerken, abdijen en kastelen. Eind vorig jaar is er nog eentje bijgekomen over beheer en behoud van mottes. En dit jaar nog publiceren we een informatieblad over beheer en behoud van grafheuvels en urnenvelden uit de Metaaltijden. Deze bladen zijn terug te vinden op onze website, en ze worden door de monumentenwachters ook steeds aan hun inspectierapport toegevoegd. 

Bedankt voor dit gesprek, en succes!