SYNTAR 19: Vermist aan het front

Archeologie

Al enkele jaren geeft de Vlaamse Regering een projectsubsidie voor syntheseonderzoek van archeologische opgravingsresultaten. De onderzoekers verlaten de sites op het terrein, op zoek naar het bredere plaatje. Zo komen ze tot nieuwe, bruikbare kennis over het verleden. In de online-reeks SYNTAR publiceren wij elk onderzoeksrapport dat zo tot stand kwam.

In nummer 19 van deze reeks gaat Skylarcs vzw dieper in op de cijfers van gesneuvelden in de Eerste Wereldoorlog in Vlaanderen. De onderzoekers slaagden erin om daaruit een instrument te ontwikkelen dat een betere berging van die gesneuvelden toelaat, maar ook om er meer nieuwe kennis uit te halen over de omstandigheden van hun dood. 
 

Heel wat archeologen die zich toeleggen op het onderzoek van de Eerste Wereldoorlog in Vlaanderen krijgen koude rillingen bij de dagelijkse verslaggeving van de vreselijke oorlog die nu al ruim twee jaar woedt in Oekraïne. Op wat technologische snufjes na zijn de beelden bijna inwisselbaar met die van 110 jaar geleden: een snelle bewegingsoorlog die verzandt in een stellingenoorlog, waarbij beide partijen zich letterlijk ingraven en er om elke vierkante meter verbeten wordt gevochten. Een zinloze en eindeloze uitputtingsslag waarbij dorpen en steden tot puin worden herleid en die duizenden soldaten het leven kost, doordat ze worden ingezet als kanonnenvlees om een zogenaamd hoger doel te dienen. Het is lang niet altijd mogelijk om de gesneuvelden te bergen, waardoor het cijfer vermisten elke dag aantikt.

Spoorloos

Exacte cijfers zijn er niet, maar naar schatting 200.000 soldaten raakten tijdens de Eerste Wereldoorlog vermist aan het Belgische front. Een deel hiervan is begraven in een onbekend graf, maar ongeveer 100.000 soldaten verdwenen spoorloos. Een aanzienlijk deel van dit hallucinante aantal bevindt zich tot vandaag in de bodem van de Westhoek, waardoor er bij graafwerken of andere bodemingrepen regelmatig menselijke resten worden aangetroffen – vaak geheel onverwacht. Niemand stelt in vraag dat de lichamen van deze gesneuvelden met de grootste zorg geborgen moeten worden, zowel vanuit ethisch oogpunt als militair-rechterlijk. En daar komt de archeologie kijken, want archeologen beschikken als geen ander over de vaardigheden en technieken om die lichamen te bergen. Bovendien laat een gedegen archeologisch onderzoek toe om details te verzamelen die niet alleen kunnen leiden tot inzicht in de doodsoorzaak en zelfs tot identificatie, maar ook informatie kunnen opleveren over bijvoorbeeld het strijdverloop of de leefomstandigheden aan het front. Het begrijpen van wat er precies gebeurde geeft kleur en diepte aan onze kennis van het verleden, maar stelt ons ook in staat om te vatten wat er zich vandaag afspeelt in conflicten zoals in Oekraïne.

 

 

Knipperlicht

Het syntheseonderzoek “Vermist aan het front” brengt in eerste instantie zo veel mogelijk data samen over vermisten uit de Eerste Wereldoorlog aan het westelijk front in Vlaanderen, zowel uit historische als uit archeologische bronnen. Op basis van deze omvangrijke dataset werd vervolgens getracht om een ruimtelijk inzicht te krijgen in de menselijke kost van de oorlogsvoering. Ze bundelt wanneer, op welke plek of in welke regio grote aantallen soldaten sneuvelden en mogelijk als vermist achterbleven. Eén van de resultaten hiervan is een zogenaamde ‘knipperlichtkaart’, die ambieert om uit te groeien tot een basisinstrument voor archeologen en beleidsmakers. Deze kaart is geen verwachtingskaart die voorspelt hoeveel lichamen er aanwezig zijn in een bepaald gebied, maar eerder een risicokaart die aangeeft hoeveel veldslagen en slagvelden er gekend zijn en hoeveel knipperlichten er zouden moeten afgaan bij een onderzoek of bodemingreep op een bepaalde locatie. Dergelijke vormen van ‘spatial thinking’ zijn reeds in beperkte mate toegepast tijdens forensisch onderzoek naar vermisten als gevolg van gewapende conflicten of natuurrampen.

Een tweede grote doelstelling van dit onderzoek is om de do’s en don’ts  van de opgraving van lichamen van gesneuvelden helder en overzichtelijk uit te werken. Door alle onderzoeksdata volledig en overzichtelijk te bundelen, werd een methodologisch kader gecreëerd dat een niet te missen steun en instrument is voor elke archeoloog die geconfronteerd wordt met het onderzoek van of naar gesneuvelden.

 

Lees het volledige onderzoeksrapport op OAR

Foto's: Ruben Willaert NV