Uit Ex Situ: Wa is da?

Archeologie

Voor haar oktobernummer sloeg de redactie van het archeologisch tijdschrift Ex Situ de handen in elkaar met enkele onderzoekers van Onroerend Erfgoed. Zo kwam een themanummer over metaaldetectie tot stand.

Ook Katelijne Nolet werkte hieraan mee. Actieve metaalzoekers kennen haar als de drijvende kracht achter MEDEA, het online platform over archeologische metaaldetectievondsten. Vanuit haar ervaring met detectievondsten vult Katelijne ditmaal de Ex Situ-rubriek ‘Wa is da?’, met een oproep tot identificatie van UFO’s. Dat artikel brengen we hieronder in preview. Voor meer leuks over metaaldetectie, magneetvisserij en nog vele andere ondergrondse onderwerpen, kan je terecht op exsitu.be, waar je een gratis exemplaar van het themanummer kan bestellen. Of moest je zelf meer info hebben over de onderstaande UFO's, dan kan je mailen naar MEDEA

Typisch Vlaams, maar niemand weet wat het is. 

UFO, of Unidentified Found Object, is de algemene naam die metaaldetectoristen geven aan vondsten die niet gedetermineerd kunnen worden. Eén groep van kleine voorwerpjes springt er nog bovenuit. "Wa is da?" is een vraag die in verband met deze vondsten al heel vaak gesteld is. Hoewel ze al tientallen jaren gevonden worden, en vele detectoristen al een kleine verzameling van deze kleine, tweeogige objecten bezitten,  is het nog steeds raden naar hun oorspronkelijke functie. 

De meeste zijn gemaakt van een koperlegering. Sommige zijn mooi gedecoreerd, andere zien er heel eenvoudig uit. Op enkele millimeters na zijn ze allemaal even groot, ongeveer 3 cm. Alle UFO’s hadden in oorsprong een ijzeren pin onderaan, wellicht om het te bevestigen op een of andere drager. Bij de meeste objecten die gevonden worden, is die pin echter niet meer aanwezig. Van de drager zijn nooit restanten teruggevonden. Er bestaan ook tweevoudige exemplaren, een soort dubbeldekkers. De voorwerpen worden voornamelijk gevonden op het platteland, maar dat wil daarom nog niet zeggen dat ze in de landbouw gebruikt werden. Ook militaire kampementen, slagvelden, woonplaatsen of doorreiskampen kunnen zich in een rurale omgeving bevinden.  

Hoe oud de dingetjes zijn is heel moeilijk te zeggen. Soms lijken ze splinternieuw, terwijl andere dan weer een typische Romeinse of vroegmiddeleeuwse look en slijtage hebben. Die slijtage zit vreemd genoeg nooit aan de binnenkant van de oogjes, wat misschien betekent dat ze helemaal niet dienden om iets door te steken. Tot nu toe zijn er nog geen tekeningen, schilderijen of ander vergelijkingsmateriaal gevonden die een juiste interpretatie mogelijk maken. Ook op de Engelse en Nederlandse Portable Antiquities Schemes zijn geen gelijkaardige voorwerpen te zien. 

Er bestaan verschillende denkpistes rond het nut van deze objecten. Ooit beweerde iemand op het forum van Detectorvrienden Vlaanderen (DVVL) dat het een soort vleugelmoer is, die diende om een zeil mee op een kar te spannen. Anderen zeggen dan weer dat het een onderdeel van een paardentuig zou zijn. Of kaarsenhouders, knevels, horlogesleutels, een stuk van een afspanning, een weefgetouw of een oude wasmachine of gordijnroede. Detectoristen, archeologen, historici, … iedereen denkt mee.

Deze UFO's worden vaak gevonden. Ooit werden ze dus veel gebruikt. Hoe kan het dan dat we niet weten waarvoor ze dienden of uit welke periode ze afkomstig zijn? En hoe kan het dat ze voorlopig enkel in Vlaanderen gevonden worden? Tot nu toe is er een slechts één voorbeeld uit Nederland en eentje uit de regio van Waver gekend. Het enige dat we met zekerheid kunnen zeggen is dat deze UFO’s een geliefde en verbindende vondst zijn bij metaalzoekers. Het in kaart brengen van alle UFO’s zou een belangrijke stap in het onderzoek naar hun ware functie kunnen zijn. Misschien betekent dit artikel wel de doorbraak in deze X-file?