Van opgraving naar herbegraving

Archeologie

Op 17 november 2021 kreeg het archeologisch onderzoek van een toevalsvondst uit 2018 zijn ultieme en aangrijpende afloop op Tyne Cot Cemetery in Zonnebeke. Archeoloog Sofie Vanhoutte woonde de emotionele herbegraving van de negen Britse WO I-slachtoffers bij.

Toen in juni 2018 de melding van een toevalsvondst van menselijke resten in de Oude Wervikstraat in Beselare binnenkwam, was het nog een vraagteken voor de ploeg van het Agentschap Onroerend Erfgoed in West-Vlaanderen wat ze mochten verwachten. In de werkput, die voor wegeniswerken was aangelegd, troffen Sofie en haar medewerkers uiteindelijk een loopgraaf en een inslagkrater aan. In de loopgraaf vonden ze de resten van vijf WO I-gesneuvelden, getroffen door een zware explosie, in de inslagkrater nog eens drie. In een nabijgelegen provisoir veldgraf vonden ze een negende gesneuvelde, duidelijk het slachtoffer van een andere strijd tijdens de Eerste Wereldoorlog. De opgraving die in normale omstandigheden een week in beslag zou nemen, werd afgerond in twee lange en intense dagen. Op openbaar domein kan je menselijke resten immers niet onbeheerd achterlaten.

 

(Foto: Eric Compernolle)

 

Tijdens de opgraving identificeerden ze al meteen de sleutelfiguur voor het verdere onderzoek: 2nd Lieutenant Leslie Wallace Ablett. Sleutelfiguur omdat de archeologen hierdoor wisten dat ze met het 11th Battalion Northumberland Fusiliers te maken hadden, en met de Slag bij Passendale (Derde Slag bij Ieper). De dag van overlijden van Ablett is immers gekend: hij sneuvelde op 14 oktober 1917. Hij was pas 20. Tijdens de studie van de vondsten dook een tweede naam met zekerheid op, die van 2nd Lieutenant Edward Bruty, één van de andere vermisten van die dag. Op Tyne Cot Cemetery zijn hun namen terug te vinden op een van de panelen met namen van vermiste soldaten. Maar vermist zijn ze nu niet meer.

 

(Foto: Sofie Vanhoutte)

 

Na de studie van de menselijke resten en van de vele, uitzonderlijk goed bewaard gebleven uitrustingsstukken, persoonlijke bezittingen en wapens werd alles overgedragen aan de Commonwealth War Graves Commission. De CWGC ging verder aan de slag met de onderzoeksgegevens en voerde een grootschalig DNA-onderzoek uit. Op Facebook kon je daarvoor oproepen naar verwanten zien passeren. Met resultaat, want finaal zijn er zeven van de negen slachtoffers geïdentificeerd.

Op woensdag 17 november 2021 om 11u werden de negen gesneuvelden herbegraven, in aanwezigheid van familie van de zeven geïdentificeerde soldaten:

  • 2nd Lieutenant Leslie Wallace Ablett, 20
  • 2nd Lieutenant Edward Douglas Bruty, 21
  • Serjeant Thomas Feasby, 32
  • Lance Corporal Stanley Blakeborough, 21
  • Private Harry Miller, 28
  • Private Joseph Patrickson MM, 24
  • Private Arnold Sanderson MM, 26
  • Een onbekende soldaat van de Northumberland Fusiliers
  • Een onbekende soldaat uit de Eerste Wereldoorlog

De herbegraving vond plaats tijdens een indrukwekkende ceremonie op Tyne Cot Cemetery, in aanwezigheid van de Duke of Kent, neef van de Britse Queen en ere-kolonel van de Northumberland Fusiliers. Het was de ultieme afloop van het archeologisch onderzoek, een resultaat waar je al tijdens de opgraving op hoopt, een resultaat waar je het voor doet, maar dat zich zelden voordoet. 

Archeoloog Sofie maakte de plechtigheid van dichtbij mee en was gegrepen door het contact nadien met de families van de slachtoffers en door de dankbaarheid vanuit de CWGC en het Ministry of Defence. Ze had een lang gesprek met de achternichten van Leslie Wallace Ablett. Rachel was uit Engeland overgevlogen, haar zus uit Australië. Rachel en Sofie hadden heel wat vragen voor elkaar. Ablett droeg een ring met zijn initialen, met binnenin de inscriptie ‘From Peggy 1916’. Wie was zij? De echtgenote van Ablett? Zijn verloofde of vriendin? De familie had nog nooit van Peggy gehoord. Rachel heeft plannen voor een boek over haar verre achterneef, en zet de zoektocht verder.

Maar het meest aangrijpende was het moment waarop de doosjes met personal belongings van de gesneuvelden aan de nabestaanden werden overhandigd. Die voorwerpen, die je zelf hebt opgegraven, doen je als archeoloog beseffen dat je er mee voor gezorgd hebt dat deze mannen kunnen begraven worden in het bijzijn van hun familie, dat ze kunnen ‘thuiskomen’.

 

 

 

Nu de namen officieel gekend zijn, kan het eindverslag van dit archeologisch onderzoek afgewerkt worden. Veel interne en externe collega’s werkten hier aan mee.

Foto bovenaan: Eric Compernolle