Welke rol speel je als vergunningverlener bij:

Plant een bouwheer beheers-, onderhouds- of restauratiewerken aan of in een onroerend goed met erfgoedwaarde? Dan verschilt de procedure (vergunning, melding of toelating) afhankelijk van het statuut van het erfgoed en het soort werken.

Twijfel je welk Vlaams statuut een eigendom met erfgoedwaarde heeft? Is het beschermd of vastgesteld of geen van beide? Ligt de eigendom in een gebied waar geen archeologisch erfgoed te verwachten valt? We leggen het even voor je uit.

Het agentschap begeleidt enkel werken aan beschermd onroerend erfgoed. Voor werken in erfgoed dat is opgenomen in een wetenschappelijke of vastgestelde inventaris, dient er geen bijkomende toelating of advies gevraagd te worden aan het agentschap. Daarom is het trouwens nuttig om een inventaris van het onroerend erfgoed in je gemeente op te maken. Zo'n inventaris is een goede basis om een eigen erfgoedbeleid uit te werken en het vergunningsbeleid over sites met erfgoedwaarden hierop af te stemmen.

Als vergunningverlener moet je ook rekening houden met de zorg- en motiveringsplicht voor erfgoed dat na een openbaar onderzoek is opgenomen in een vastgestelde inventaris en voor erfgoedlandschappen.

De aanvrager van een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen of voor het verkavelen van gronden is in bepaalde gevallen verplicht een bekrachtigde archeologienota of een ter bekrachtiging ingediende archeologienota toe te voegen bij zijn aanvraag. Wat houdt dit precies in en welke controle voer je uit als vergunningverlener?

Wij streven er naar om over heel Vlaanderen dezelfde aanpak af te leveren bij de adviezen die wij geven en de toelatingen die wij verlenen. De criteria die hier een rol bij spelen, goten we in afwegingskaders. Zo willen we je een beter zicht geven op de manier waarop we aanvragen behandelen en jou ook hulpmiddelen bieden bij het adviseren van bouwheren.