Gemeenten en intergemeentelijke samenwerkingsverbanden (IOED's en intercommunales) kunnen personeelsleden aanduiden om op te treden als gemeentelijk verbalisant voor onroerend erfgoed. Ook lokale handhavers ruimtelijke ordening van gemeenten en intergemeentelijke samenwerkingsverbanden kunnen hun werkzaamheden uitbreiden naar onroerend erfgoed.

Vanaf 2023 zijn erkende onroerenderfgoedgemeenten verplicht om een gemeentelijk verbalisant onroerend erfgoed aan te stellen. Dit is een gevolg van de Visienota Lokaal Onroerenderfgoedbeleid die de Vlaamse Regering goedkeurde en waarin een geoptimaliseerde samenwerking tussen Vlaanderen en de lokale besturen werd voorgesteld. Vanuit hun nabijheid zijn lokale besturen het best geplaatst om beschermd erfgoed proactief te monitoren en ingeval van inbreuken of misdrijven de eerste vaststellingen te doen.  

Onroerenderfgoedgemeenten die erkend zijn voor 2023 stellen ten laatste tegen 31 december 2023 een gemeentelijk verbalisant onroerend erfgoed aan. Wat zijn de voordelen van de aanstelling van een gemeentelijk verbalisant?

  • Je kan klachten op gemeentelijk niveau behandelen: gemeentelijk verbalisanten staan dichter bij het werkveld en kunnen dus sneller optreden.
  • Je kan een actieve monitoring uitbouwen: gemeentelijk verbalisanten kunnen de staat en het beheer van het beschermd erfgoed proactief monitoren. Zo kan er tijdig opgetreden worden met raadgevingen en aanmaningen.
  • De gemeente kan een overkoepelend handhavingsbeleid uitwerken voor verschillende domeinen: Ruimtelijke Ordening, Natuur, Onroerend Erfgoed, …

Takenpakket 

Gemeentelijk verbalisanten kunnen vaststellen dat bepaalde administratieve verplichtingen niet worden nageleefd, zoals bijvoorbeeld:

  • het niet naleven van het actief of passief behoudsbeginsel
  • als eigenaar het nalaten om de bescherming van een goed te melden aan de gebruikers
  • het niet naleven van de toelatings- of vergunningsplicht, de regelgeving rond archeologie of de Code van Goede Praktijk
  • het gebruik van metaaldetectoren zonder erkenning
  • het niet melden van een toevalsvondst
  • het doorbreken van een stakingsbevel

Wie kan gemeentelijk verbalisant onroerend erfgoed worden?

Om gemeentelijk verbalisant te worden, moet je voldoen aan de opleidings- of bekwaamheidsvereisten vastgelegd in het Ministerieel Besluit van 25 november 2016 tot vaststelling van de opleidings- of ervaringsvereisten voor het bekwaamheidsbewijs voor gemeentelijk verbalisanten voor onroerend erfgoed.   

De eerste stap is het volgen van een opleiding tot gemeentelijk verbalisant. De afdeling Handhaving van het Departement Omgeving organiseert regelmatig deze opleidingen. Hou hiervoor onze nieuwsberichten in de gaten of schrijf je in voor onze nieuwsbrief.  

Na het volgen van de opleiding ontvang je een bekwaamheidsbewijs. Vervolgens kan je door het College van Burgemeester en Schepenen officieel worden aangesteld als gemeentelijk verbalisant onroerend erfgoed. Ben je ondertussen aangesteld als gemeentelijk verbalisant? Bezorg ons dan dit aanstellingsbesluit via mail zodat wij verdere afspraken met je kunnen maken.

Voor meer informatie over handhaving verwijzen we door naar Inspectie en Handhaving Ruimtelijke Ordening en Onroerend Erfgoed.

Erkenningsvoorwaarden

De visienota lokaal onroerenderfgoedbeleid vertrekt van het idee dat de zorg voor het onroerend erfgoed een gedeelde verantwoordelijkheid is voor het Vlaamse en lokale bestuursniveau. Zo wordt onder andere de samenwerking op het vlak van handhaving rond onroerend erfgoed versterkt. Vanaf de volgende erkenningsronde in 2027 moet de erkende onroerenderfgoedgemeente een eigen handhavingsbeleid uitvoeren als onderdeel van een breder onroerenderfgoedbeleid. De onroerenderfgoedgemeente ontwikkelt en motiveert hierbij een eigen visie op handhaving en legt eigen accenten. Met de werkgroep werkten we de erkenningsvoorwaarden uit in een nota, die de onroerenderfgoedgemeente een houvast moet geven voor de invulling van deze voorwaarde.