Eerste contactdag bouwkundig erfgoed op 24 februari 2021 - Call for papers

Bouwkundig erfgoed

Vanaf 2021 organiseert het agentschap Onroerend Erfgoed elk jaar een contactdag over waardering van bouwkundig erfgoed in Vlaanderen. Zo houden we de vinger aan de pols van recent onderzoek en actuele thema’s, met als rode draad de rol van waarderend onderzoek in de omgang met bouwkundig erfgoed. We willen een platform aanbieden voor onderzoek, en reflectie en debat stimuleren over de praktijk van waarderen. We werken inhoudelijk samen met partnerorganisaties en wetenschappelijke instellingen. De contactdag biedt ook een netwerkmoment voor verschillende disciplines in erfgoedonderzoek in Vlaanderen. Het thema van de eerste editie van de Contactdag Bouwkundig Erfgoed is authenticiteit.

Echt erfgoed? Authenticiteit in waarderen van bouwkundig erfgoed

Authenticiteit speelt een belangrijke rol in erfgoed. We zeggen van iets dat het erfgoed is als het een echte getuige is van het verleden, als het authentiek aanvoelt. We willen het authentieke karakter van een streek, een plaats, een gebouw bewaren. Het criterium van authenticiteit weegt, vaak impliciet, sterk door bij de waardering van erfgoed, zowel bij de evaluatie van mogelijke Werelderfgoedsites als bij de bescherming als monument. Ook in de zorg voor erfgoed staat authenticiteit centraal. Restauraties van historische gebouwen worden vaak beoordeeld op de mate waarin het authentieke karakter behouden is.

Authenticiteit wordt vaak gelijk gesteld met materiële authenticiteit: een gebouw is authentiek als het nog voldoende origineel materiaal bevat. Maar er zijn ook andere opvattingen over authenticiteit. Historische gebouwen zijn vaak een optelsom van verschillende bouwfasen. De authenticiteit ligt dan in de leesbaarheid van de historische evolutie van het gebouw. Bij erfgoed zoals molens is reconstructie met vervangend materiaal gangbaar. Bij de waardering van moderne architectuur stelt zich de vraag of een gestandaardiseerde industriële architectuur enkel authentiek is bij behoud van de oorspronkelijke materialiteit. De leesbaarheid van het oorspronkelijke ontwerp wordt vaak net zo belangrijk bevonden als de authenticiteit van de materialen. De definitie van authenticiteit kan ook verschuiven volgens de beschikbare kennis. Zo werden tot ver in de 20ste eeuw ontpleisterde kerkinterieurs gezien als authentiek, terwijl onderzoek intussen heeft uitgewezen dat dit niet zo is.

Sinds enkele decennia is de opvatting over authenticiteit verbreed met andere dan historische en materiële invullingen. Voor erfgoedgemeenschappen is niet alleen materialiteit belangrijk, maar ook het beeld of de beleving van een monument. Ook in het toerisme wordt veel belang gehecht aan de authentieke beleving van een historische plaats of gebouw. De verbreding van het authenticiteitsbegrip werd al in 1994 uitgedrukt in het Nara Document on Authenticity (ICOMOS). Het document verbindt de beoordeling van de authenticiteit aan verschillende aspecten en informatiebronnen, zoals vorm en ontwerp, materialiteit, gebruik en functie, tradities en technieken, locatie en setting, ervaring en beleving, de identiteit van de plek,… Herbestemmingen maken deze complexiteit van het begrip authenticiteit vaak zichtbaar in de verschillende opvattingen van architecten, ontwikkelaars, bewoners, omwonenden, en de erfgoedsector. Sociologisch en antropologisch onderzoek wijst er bovendien op dat het authenticiteitsbegrip wordt gecreëerd en dus steeds vatbaar is voor verschuivende invullingen, in die mate dat zelfs wordt gesteld dat authenticiteit op zich niet bestaat.

Deze uiteenlopende opvattingen van het authenticiteitsbegrip vormen een uitdaging voor erfgoedonderzoekers en -zorgers, die in de praktijk merken dat voor vele burgers, eigenaars, restauratiearchitecten en verenigingen authenticiteit een belangrijk criterium blijft in de waardering van bouwkundig erfgoed.

Locatie en datum

Woensdag 24 februari 2021, Auditorium VAC Herman Teirlinckgebouw, Havenlaan 88, 1000 Brussel.

Call for papers

Wij zijn op zoek naar bijdragen met onderzoek of reflecties over de verschillende opvattingen over authenticiteit en de vertaling daarvan in de waardering van bouwkundig erfgoed. Besprekingen van projecten zijn mogelijk voor zover een reflectie wordt opgebouwd over authenticiteit in de waardering en de omgang met bouwkundig erfgoed in Vlaanderen.
Stuur voor 30 september 2020 een voorstel voor een presentatie van 20 minuten (abstract van circa 250 woorden en eventueel twee beelden), en een korte biografie naar cbe@onroerenderfgoed.be.

Programma en inschrijving

Het definitieve programma wordt eind november 2020 bekend gemaakt, waarna de inschrijvingen zullen starten.

Blijf je graag op de hoogte over deze en komende contactdagen bouwkundig erfgoed? Schrijf je dan in voor de nieuwsbrief via het online formulier.

 

Klik op onderstaande foto's om ze te vergroten.

Foto links: authenticiteit van de plek
Schuur uit Lo (West-Vlaanderen), verplaatst naar Bokrijk.

Foto midden: beleving van authenticiteit.
De Bonifatiusbrug in Brugge, gebouwd in 1911 tijdens de opkomst van Brugge als toeristische trekpleister.

Foto rechts: authenticiteit van materiaal en vakmanschap
De Westermolen in Lembeke (Kaprijke) werd in 2016 gerestaureerd. Daarbij werd in een atelier een bijna volledige molenkast gebouwd.

 

Foto links: authenticiteit van het beeld
Een veldkeuken uit de Eerste Wereldoorlog in Lo-Reninge werd omgebouwd tot picknickplaats. Het stalen frame geeft de contouren van het oorspronkelijke gebouwtje weer.

Foto rechts: authenticiteit van de functie
Neogotische kerk in Sint-Niklaas werd omgevormd tot school.

Wetenschappelijk comité

  • Maude Bass-Krueger (UGent, Vakgroep Kunst-, Muziek- en Theaterwetenschappen)
  • Inge Bertels (UAntwerpen, Faculteit Ontwerpwetenschappen)
  • Vincent Debonne (agentschap Onroerend Erfgoed)
  • Rudy De Graef (agentschap Onroerend Erfgoed)
  • Karel Dendooven (Herita vzw)
  • Marc Jacobs (UAntwerpen, Faculteit Ontwerpwetenschappen)
  • Frederik Mahieu (agentschap Onroerend Erfgoed)
  • Leen Meganck (agentschap Onroerend Erfgoed)
  • Anne-Françoise Morel (KU Leuven, Departement Architectuur)
  • Bie Plevoets (UHasselt, Vakgroep Architectuur en Kunst)
  • Rutger Steenmeijer (Gorduna vzw)
  • Maarten Van Dijck (agentschap Onroerend Erfgoed)
  • Nathalie Van Roy (agentschap Onroerend Erfgoed)
  • Karina Van Herck (agentschap Onroerend Erfgoed)
  • Sara Vermeulen (agentschap Onroerend Erfgoed)
  • Nathalie Vernimme (agentschap Onroerend Erfgoed)