Tweede principiële goedkeuring wijziging Onroerenderfgoedbesluit in functie van uitvoering Visienota Lokaal Onroerenderfgoedbeleid

Regelgeving en beleid

In februari 2021 keurde de Vlaamse Regering de Visienota Lokaal Onroerenderfgoedbeleid goed. De visienota vertrekt van het idee dat de zorg voor het onroerend erfgoed een gedeelde verantwoordelijkheid is voor het Vlaamse en lokale bestuursniveau. Lokale besturen - en vooral erkende onroerenderfgoedgemeenten - krijgen meer verantwoordelijkheid en ruimte om een lokaal onroerenderfgoedbeleid te ontwikkelen.

Op vrijdag 8 juli 2022 gaf de Vlaamse Regering haar tweede principiële goedkeuring aan de wijziging van het Onroerenderfgoedbesluit. Deze volgt op het inwinnen van het advies van de Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening en Onroerend Erfgoed (SARO) en de Vlaamse Toezichtcommissie voor de Verwerking van Persoonsgegevens (VTC). Het ontwerp van wijzigingsbesluit en de begeleidende nota aan de Vlaamse Regering werden op een aantal punten aangepast en vooral verduidelijkt.

De belangrijkste aanleiding voor de wijziging van dit besluit is de uitvoering van de Visienota Lokaal Onroerenderfgoedbeleid mogelijk te maken. Daarnaast introduceert ze ook een nieuwe premie voor de buitensporige directe kost van verplicht uit te voeren archeologisch onderzoek van menselijke inhumatieresten. Ook breiden de doelgroepen voor twee andere archeologiepremies uit. Meer uitleg over de belangrijkste wijzigingen vind je hier.

De tweede principiële goedkeuring volgt op het inwinnen van het advies van de SARO en de VTC. Naar aanleiding van die adviezen werd het ontwerp van wijzigingsbesluit en de begeleidende nota aan de Vlaamse Regering aangepast of verduidelijkt op een aantal punten. Dat gaat bijvoorbeeld over de verplichting voor erkende IOEDs, onroerenderfgoedgemeenten en onroerenderfgoeddepots om de Vlaamse subsidie te gebruiken voor het inhuren of werven van eigen personeel. Dat betekent dat het moet gaan om een duurzame arbeidsrelatie – het idee is immers dat er aan expertiseopbouw gedaan wordt. Maar de subsidie mag ook gebruikt worden voor de tijdelijke vervanging van vaste personeelsleden (bv. in het kader van moederschapsrust), of voor de tijdelijke versterking van het team (bv. jobstudent).

Verder werden ook enkele eerder administratieve of technische kwesties die nog waren opgedoken aangepakt.

Hoe verloopt het nu verder?

Het ontwerp van wijzigingsbesluit wordt voor advies voorgelegd aan de Raad van State. De Raad brengt in principe zijn advies uit tegen het einde van de zomervakantie. Na verwerking van dit laatste advies worden de wijzigingen aan het Onroerenderfgoedbesluit voorgelegd aan de Vlaamse Regering voor definitieve goedkeuring.

Inwerkingtreding op 1 januari 2023

De erkenning van onroerenderfgoedgemeenten is gekoppeld aan de beleids- en beheerscyclus (BBC) van de lokale besturen. Die cyclus werkt met driejaarlijkse vaste momenten waarop bijvoorbeeld nieuwe gemeenten een erkenning als onroerenderfgoedgemeente kunnen aanvragen. De eerstvolgende deadline is 15 januari 2023. Daarom is de datum van inwerkingtreding van dit wijzigingsbesluit op 1 januari 2023 gezet.

De wijziging van de regels over de erkenning en subsidiëring van IOED's treden pas in werking vanaf 2027. Op die manier kunnen de lopende samenwerkingsovereenkomsten worden verdergezet tot het eind van hun looptijd. Nieuwe IOED's die in tussentijd nog worden opgericht, moeten zich wel al conformeren aan de afbakeningen van de referentieregio’s die de Vlaamse Regering heeft aangeduid.

Meer informatie over de Visienota Lokaal Onroerenderfgoedbeleid.