Wijziging van het Onroerenderfgoedbesluit goedgekeurd

Regelgeving en beleid

Op vrijdag 14 december 2018 keurde de Vlaamse regering de wijziging van het Onroerenderfgoedbesluit naar aanleiding van de ex-post evaluatie definitief goed.

Aansluitend op de definitieve goedkeuring van de aanpassingen aan het Onroerenderfgoeddecreet op 4 juli 2018 startte  de Vlaamse Regering de goedkeuringsprocedure op voor de aanpassingen aan het Onroerenderfgoedbesluit. Op 14 december werd het aanpassingsbesluit definitief goedgekeurd.

Wat wijzigt er?

De belangrijkste wijzigingen aan het Onroerenderfgoedbesluit zijn:

  • De erkenningen van onroerenderfgoedgemeenten, intergemeentelijke onroerenderfgoeddiensten en onroerenderfgoeddepots worden fusievriendelijker.
  • De erkenning van archeologen krijgt een onderverdeling in twee types: een eerste type erkenning voor archeologen die alle vormen van archeologisch onderzoek mogen uitvoeren en een tweede type erkenning voor archeologen die enkel vooronderzoeken zonder ingreep in de bodem mogen uitvoeren en daar archeologienota’s over mogen melden. Zo zullen er meer archeologen in aanmerking komen voor een erkenning.
  • De bekrachtiging van archeologienota’s wordt vervangen door een meldingsplicht.
  • Het aantal vrijstellingen van archeologisch vooronderzoek wordt uitgebreid.
  • De gevallen waarbij een beheersplan een voorwaarde is voor het bekomen van een premie, worden beperkt. De verplichting geldt enkel nog bij premie-aanvragen voor UNESCO-Werelderfgoed, beschermde stads- en dorpsgezichten, landschappen en archeologische sites, en voor meerjarige subsidieovereenkomsten.
  • De onderzoekspremie voor de opmaak van een beheersplan verdwijnt.
  • De erfgoedpremie van 80 % verdwijnt, de 60%-categorie, vandaag beperkt tot ZEN-erfgoed en onderwijsgebouwen wordt verruimd met beschermde gebouwen die bestemd zijn voor een erkende eredienst, beschermde goederen met een publieksfunctie in eigendom van een gemeente, autonoom gemeentebedrijf, OCMW, welzijnsvereniging of een sociale huisvestingsmaatschappij, open erfgoed en opengestelde, maalvaardige molens.
  • Aanvullende premies van 10 procent zijn mogelijk voor voorbeeldige beheerders en voor vzw’s die het herstel en beheer van beschermd erfgoed tot doel hebben.
  • De premie voor buitensporige opgravingskosten krijgt een verhoging tot 80%. Er komt bovendien een nieuwe premie voor verplicht uit te voeren archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem.

Wanneer treden de wijzigingen in werking?

De wijzigingen treden gefaseerd in werking.

Inwerkingtreding op 1 januari 2019:

  • Wijzigingen aan de erfgoed- en onderzoekspremies
  • Wijzigingen aan de beheersplannen, behalve de beheersplanverplichting voor UNESCO-Werelderfgoed
  • Wijzigingen aan open erfgoed
  • Technische wijzigingen

 

Inwerkingtreding op 1 april 2019:

  • Wijzingen aan de erkenning en opvolging van archeologen
  • Wijzigingen aan het archeologietraject
  • Wijzigingen aan de premies voor archeologisch vooronderzoek en archeologische opgravingen

De ministeriele besluiten over deze wijzigingen worden in de eerste maanden van 2019 opgemaakt en ter goedkeuring voorgelegd.

 

Inwerkingtreding op 1 januari 2020:

  • Wijzigingen aan de erkenningsvoorwaarden en rapporteringstermijnen voor onroerenderfgoedgemeenten, IOED’s en onroerenderfgoeddepots.

Deze bepalingen worden beter gelieerd aan de lokale beleids- en beheerscyclus.

 

Inwerkingtreding op 1 januari 2022:

  • De beheersplanverplichting voor UNESCO-Werelderfgoed, dit om de betrokken actoren voldoende tijd te geven om te voldoen aan deze regel.

 

We zorgen dat alle informatie op onze website tegen 3 januari aangepast is en dat alle wijzigingen die op 1 januari in werking treden, dan ook geïntegreerd zijn in de teksten en formulieren. Een update van de folders, richtlijnen en andere publicaties volgt in de loop van de volgende maanden. Daarvoor vragen we om even geduld uit te oefenen.