Samen met de gemeente Riemst en de Werkgroep Groeveonderzoek Riemst (WGR) nam het agentschap vorige week vrijdag monsters in de mergelgroeve Grote Berg in Zussen. De resultaten van dit onderzoek zullen geïntegreerd worden in het onroerenderfgoedrichtplan voor deze groeve. 

De geschiedenis van de groeve

De Grote Berg in Zussen is een aaneengesloten geheel, maar bestaat eigenlijk uit talloze stelsels die allemaal hun eigen geschiedenis kennen. Dit zijn we te weten gekomen dankzij het onderzoek dat de WGR hier al enkele jaren voert.

De mergelstenen die in de groeve werden gewonnen, kenden een grote afzetmarkt. Ze werden gebruikt  voor de bouw van lokale gebouwen zoals hoeves, maar ook voor kerkelijke gebouwen, onder andere in Maastricht.

Globaal gezien weten we dat het hoogtepunt van de ontginning in de zestiende en de zeventiende eeuw ligt. Een datering van de afzonderlijke delen van de groeve is moeilijk omdat archiefbronnen en dergelijke meestal ontbreken. 

Onderzoek naar roetvlekken

C14-datering is voor ons een uiterst geschikte manier om de lacunes in onze kennis mee te dichten. We kunnen er de ouderdom van de verschillende delen van de groeve mee achterhalen. In totaal hebben we vorige week een viertal locaties bemonsterd.  

Voor het onderzoek namen we monsters van roetvlekken in de groeve. Deze vlekjes vind je op het plafond. Ze illustreren dat er olielampjes gebruikt werden om de groeve bij de ontginning te verlichten. De roetvlekjes leren ons op welk moment hier ongeveer een vlammetje gebrand heeft en dus ook op welk moment de steenwinning gebeurde.

De eerste twee locaties waar we monsters namen bevinden zich aan de rand van de groeve nabij een ingang en een voormalige ingang. We kozen deze locaties omdat die ons een indicatie geven van het moment waarop op deze plaatsen gestart werd met steenwinning.

Eén van deze plekken was in het stelsel ‘De Vijl’, waar in de gangen opschriften van 1522 en 1527 terug te vinden zijn. Is de start veel vroeger geweest of ook rond deze periode? Daarop hopen we antwoord te vinden.

Twee andere monsters zijn genomen vlakbij schachten. Een schacht is een verticale toegang die vanaf de oppervlakte naar onder is ingegraven. Op die manier geeft een schacht toegang tot de groeve. De mergelstenen konden door de schacht naar boven worden getakeld, daarom zijn er soms touwsporen afgetekend. De datering van deze schachten is heel moeilijk omdat er geen andere bronnen over bestaan. 

Het onroerenderfgoedrichtplan

De informatie die we uit dit onderzoek halen zal ons meer leren over de geschiedenis van de Grote Berg. Het vormt een belangrijke input voor het onroerenderfgoedrichtplan dat voor deze groeve opgemaakt wordt.

Het onroerenderfgoedrichtplan heeft als doel om een betaalbare, gedragen en uitvoerbare visie te ontwikkelen op deze mergelgroeve. Hierbij worden verschillende aspecten meegenomen.

Een eerste aspect is  de veiligheid en stabiliteit van de groeve. Deze problematiek is de aanleiding van het project en moet daarom prioriteit krijgen. De groeve heeft echter ook een zeer grote erfgoedwaarde als ondergronds historisch landschap. Daarnaast heeft het ook een grote natuurwaarde aangezien het een belangrijk overwinteringsgebied is voor vleermuizen.

Het is de bedoeling dat het richtplan deze verschillende aspecten allemaal meeneemt in een gezamenlijke visie.  

Het vervolg

Vandaag worden de monsters naar het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium gebracht waar het onderzoek plaatsvindt. Binnen twee of drie maanden kennen we de resultaten.

Dit artikel kwam tot stand met dank aan Mike Lahaye van de gemeente Riemst en Peter Jennekens, Kevin Amendt, John Hageman, Frans Willems en Ber Magnee van de WGR. Frans Willems bezorgde ons het nodige beeldmateriaal. 

Voor geïnteresseerden: de WGR bracht begin dit jaar samen met de gemeente Riemst de publicatie ‘De Grote Berg’ uit. Die is verkrijgbaar via de toeristische dienst van de gemeente. 

Links

Reacties (0)

Reageer op dit artikel