Op 5 juli werd in de voormalige landloperskolonie in Merksplas een samenwerkingscharter ondertekend tussen de zes Koloniën van Weldadigheid. Bedoeling is om in 2018 op de Unesco Werelderfgoedlijst te staan.

De zes koloniën van Weldadigheid – Wortel, Merksplas, Veenhuizen, Ommerschans Frederiksoord/Wilhelminaoord, en Willemsoord – gaan samenwerken om de definitieve status van werelderfgoed te bereiken in 2018. Op donderdag 5 juli ondertekenden zij een transnationaal samenwerkingscharter om deze onderlinge samenwerking vast te leggen. Ook Vlaams minister bevoegd voor Onroerend Erfgoed, Geert Bourgeois, zette het charter kracht bij. Het is de eerste keer dat Nederland en Vlaanderen samenwerken in deze materie.

Bekijk het unieke verhaal van de koloniën in deze film.

In het najaar begint een onderzoek naar de uitzonderlijke en universele waarden van de Koloniën van Weldadigheid. Onderdeel daarvan is een vergelijkende analyse, die moet uitwijzen hoe uniek de Koloniën op wereldschaal zijn. Eind 2013 bepaalt de stuurgroep welke waarden zij in het nominatiedossier wil opnemen. Het gaat dan bijvoorbeeld om landschap, gebouwen en de achterliggende visionaire aanpak van armoede- en criminaliteitsbestrijding. Het streven van de stuurgroep is dat de Koloniën van Weldadigheid in 2018, 200 jaar na de oprichting van de Maatschappij van Weldadigheid, op de UNESCO Werelderfgoedlijst staan.

Rein Munniksma, voorzitter van de stuurgroep, vindt de samenwerking uniek: ‘Samen kunnen we ervoor zorgen dat cultuurhistorische waarden van de koloniën geborgd blijven. Het bijzondere verhaal, dat Johannes van den Bosch hier werk, huisvesting, zorg en opleiding verschafte als oplossing voor armoede, willen we uitdragen. Ook naar toekomstige generaties. Dit initiatief kan gezien worden als de voorloper van de moderne verzorgingsstaat.’

Inga Verhaert en Peter Bellens, co-voorzitters van de vzw Kempens Landschap, zien in de samenwerking ook kansen voor de landschappelijke waarde van de koloniën: "Als het tot een UNESCO-erkenning komt, wordt dat een bevestiging van de waarde van deze prachtige landschappen. We mogen daar best met z'n allen trots op zijn, want het gaat hier om de internationale erkenning van waarden die onze voorouders creëerden en die wij nu samen bewaren, koesteren en op een eigentijdse manier verder ontwikkelen. En dat laatste willen we toch benadrukken. Verdere ontwikkeling blijft mogelijk, maar dan wel graag vanuit een integraal beheer dat de erkende waarden respecteert. Aan de erkenning zelf is geen extra ondersteuning verbonden. Maar het is wel een kwaliteitslabel dat kansen kan bieden op meer aandacht van subsidiërende overheden.”

Links

Reacties (0)

Reageer op dit artikel