In 2016 startte het project Historische Dorpskernen met als doelstelling het vaststellen van archeologische zones in de dorpskernen. In de eerste fase van dit onderzoeksproject werd een theoretische basis gelegd om het begrip historische dorpskern te definiëren en een methodologie uitgewerkt voor de inventarisatie van alle historische dorpskernen in Vlaanderen. Deze publiceerden we nu in de reeks onderzoeksrapporten: nr. 94 Project historische dorpskernen. Kader en methode voor de inventarisatie van de historische dorpskernen in functie van de afbakening van archeologische zones.

Vanuit archeologisch oogpunt stellen we vast dat dorpsarcheologie in Vlaanderen in grote mate onbekend en afwezig blijft. Er is nauwelijks algemene kennis over de dynamiek van het ontstaan en de evolutie van dorpen in de vroege middeleeuwen en hun ontwikkeling tot de huidige historische kernen. Door historische dorpskernen als archeologische zones (AZ) te erkennen, is het mogelijk een meer gericht beleid en beheer te voeren rond dit kwetsbare archeologische erfgoed, dat de laatste decennia in sneltempo aangetast wordt.

De eerste fase van het onderzoeksproject rond de historische dorpskernen omvat enerzijds de uitbouw van een goede theoretische basis om het begrip historische dorpskern te definiëren en anderzijds een volledige inventarisatie van alle 1057 historische dorpskernen in Vlaanderen. Het gaat om een grote variatie aan dorpen, verspreid over regio’s met heel verschillende landschappelijke kenmerken, die in kaart gebracht moeten worden. Dat is de enige manier om tot een goed overzicht te komen van het archeologische erfgoed dat deze historische dorpskernen te bieden kunnen hebben en hoe dit in het archeologische beleid en beheer kan opgenomen worden.

De 17 voorbeelden van historische dorpskernen die als cases in dit rapport zijn opgenomen, laten de complexiteit zien van de ruimtelijke ontwikkeling van historische dorpskernen in verschillende landschapstypes. Deze cases maken duidelijk dat het onmogelijk is om op een generieke manier af te bakenen, bijvoorbeeld op basis van de vorm van de dorpskern op het 19de-eeuwse kadaster of de situatie op het einde van het Ancien Régime zoals afgebeeld op de kaarten van Ferraris. Om tot een afbakening te komen die archeologisch relevant is, moet elk dorp daarom apart geëvalueerd worden.

Dit heeft tot gevolg dat per historische dorpskern die als AZ wordt voorgesteld, een individueel inhoudelijk dossier moet gemaakt worden. Dit is echter een tijdrovend proces dat er zal voor zorgen dat slechts stapsgewijs historische dorpskernen zullen kunnen voorgedragen worden om als AZ te worden vastgesteld. Daarom is naast een goed onderbouwde motivatie voor de afbakening van een dorpskern ook een goed afwegingskader belangrijk, om de voorgedragen selecties aan dorpen te kunnen verantwoorden.

Raadpleeg het onderzoeksrapport via ons Open Archief.