Het zorgbeginsel en het actieve en passieve behoudsbeginsel spelen in de conceptnota van het onroerenderfgoeddecreet een centrale rol. Deze studie ging na dit wel degelijk kan geïntegreerd worden in de nieuwe Vlaamse wetgeving.

Het zorgbeginsel

In de conceptnota voor het nieuw onroerenderfgoeddecreet spelen het zorgbeginsel (ten aanzien van de overheid) en het actieve en passieve behoudsbeginsel (ten aanzien van overheden en burgers) een centrale rol. Deze beginselen bieden een ideale opvangfunctie om een bepaald rechtsgoed te beschermen en om meer verantwoordelijkheid over te dragen van de overheid naar de burger. Zorgplichten hebben een vangnetfunctie: zij maken het mogelijk om tot juridische actie over te gaan wanneer dit niet mogelijk is op grond van specifieke erfgoedbeschermingsnormen.

Resultaten

De zorgplichtstudie (pdf) haalt enkele knelpunten aan over de integratie van de zorgplicht in een nieuwe wetgeving. Zo bestaat het gevaar dat in de praktijk de zorgplicht een onwaardige of onvolledige invulling kan krijgen.

Een eerste risico is dat de burger niet of onvoldoende weet wanneer hij in aanraking komt met beschermd erfgoed. In zo'n situatie weet de burger niet dat er een behoudsbeginsel op hem rust. Hier is dan ook een informerende en sensibiliserende taak weggelegd voor de overheid, maar ook een taak om het beschermd erfgoed voldoende herkenbaar te maken.

Een twee de aandachtspunt vraagt dat de overheid de zorgplicht zovel mogelijk concretiseert om aan te geven wanneer onroerend erfgoed in gevaar is. De overheid zal in haar besluiten namelijk vaak een belangenafweging maken en heeft concrete richtlijnen of adviezen nodig om de juiste beslissing te nemen. Het is immers niet de bedoeling dat een zorgplicht blokkerend werkt en nieuwe initiatieven en projecten een stok in de wielen steekt.

Downloads