Archeologisch onderzoek zonder ingreep in de bodem vanuit wetenschappelijke vraagstellingen kan door iedereen gebeuren. Er is geen toelating voor nodig. Voorbeelden hiervan zijn landschappelijk onderzoek, archiefonderzoek of veldkartering.

Een vooronderzoek met ingreep in de bodem, zoals proefsleuven of om een opgraving, kan enkel uitgevoerd worden door een erkende archeoloog. Er is ook een toelating van het agentschap nodig.

Dat is de toelating voor archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem of archeologische opgraving met het oog op wetenschappelijke vraagstellingen. Om die te verkrijgen, stuur je het ingevulde aanvraagformulier met een beveiligde zending naar het agentschap, voorzien van de nodige bijlagen. Je kan de aanvraag ook insturen via het online archeologieportaal.

De aanvraag bevat:

  • de identificatiegegevens van de erkende archeoloog;
  • de locatie waar je het onderzoek wilt uitvoeren;
  • een samenvatting van de resultaten van reeds uitgevoerd onderzoek;
  • de vraagstellingen die het onderzoek wil beantwoorden;
  • de uitvoeringswijze;
  • de competenties van de uitvoerder;
  • een motivering waarom het onderzoek primeert op behoud;
  • een voorstel over het bewaren van het archeologisch ensemble;
  • een overeenkomst met de zakelijkrechthouder van het terrein die de vergoeding voor schade regelt, met de verwachte duur van het onderzoek en een regeling voor de bestemming van het archeologisch ensemble;
  • de nodige plannen, foto’s en andere bewijsstukken.

Het agentschap beslist binnen dertig dagen na het ontvangen van de aanvraag. Het bezorgt die beslissing met een beveiligde zending aan de erkende archeoloog. De toelating geldt voor maximaal twee jaar. Als het agentschap de toelating weigert of er voorwaarden aan verbindt, kan de erkende archeoloog beroep indienen bij de minister.