Vergunning

Wanneer heb je een vergunning nodig?

Je hebt een vergunning nodig wanneer de regelgeving van Ruimtelijke Ordening, Bos, Natuur of Milieu je dat gebiedt. Bij beschermde archeologische sites heb je een bekrachtigde archeologienota nodig. Dit geldt ook voor de beschermde archeologische zones uit het archeologiedecreet uit 1993.

Hoe vraag je een vergunning aan?

Die vraag je aan bij de gemeente. Finaal beslist de vergunningverlenende overheid om de vergunning te verlenen of te weigeren of er eventueel voorwaarden te koppelen. Daarbij wordt onder meer rekening gehouden met het advies van Onroerend Erfgoed.

 

Schriftelijke toelating

Wanneer heb je een schriftelijke toelating nodig?

Je hebt een schriftelijke toelating nodig wanneer je geen vergunning hoeft aan te vragen, maar de geplande handelingen de erfgoedwaarde van het beschermde goed zouden kunnen verstoren of schaden. In dat geval ben je verplicht om de schriftelijke toelating van het agentschap Onroerend Erfgoed of de erkende onroerenderfgoedgemeente te vragen.

Weet je niet zeker of je toelatingsplichtig bent? Kijk dan in het Onroerenderfgoeddecreet of in het beschermingsbesluit:

  • Werd het goed beschermd vóór 01.01.2015, dan handel je volgens de generieke, specifieke en aanvullende toelatingsplichten uit het Onroerenderfgoedbesluit (art. 6.2.1-6.2.13).  
  • Voor beschermingen na 01.01.2015 vind je in het beschermingsbesluit van het onroerend goed een lijst met toelatingsplichtige handelingen die van toepassing zijn op het goed.
  • Voor werken die in een goedgekeurd beheersplan van toelating worden vrijgesteld, heb je geen afzonderlijke toelating meer nodig.
  • Voor de hele of gedeeltelijke sloop, het optrekken of het plaatsen of het herbouwen van een gebouw of een constructie in een beschermd stads- of dorpsgezicht moet een toelating gevraagd worden. Voor andere werken die niet stedenbouwkundig plichtig zijn hoef je niet altijd een toelating aan te vragen. Je meldt de niet-vergunningsplichtige werken eerst aan het college van burgemeester en schepenen van de betrokken gemeente. Als het college vindt dat de werken wezenlijke eigenschappen van het beschermde geheel verstoren, dan pas heb je een toelating nodig van het agentschap Onroerend Erfgoed (of van de gemeente, als die erkend is als onroerenderfgoedgemeente).

Hoe vraag je een schriftelijke toelating aan?

Je gebruikt hiervoor een aanvraagformulier, dat je indient bij het agentschap Onroerend Erfgoed of bij de erkende onroerenderfgoedgemeente. Zij evalueren of de voorgestelde werken de erfgoedwaarde van het beschermde goed respecteren. Als dat zo is, krijg je de gevraagde toelating binnen de dertig dagen. Valt er niet tijdig een beslissing, dan wordt de toelating stilzwijgend verleend.

Wanneer je een toelating in handen hebt, moet je die bekendmaken door het bericht aan te plakken op het betrokken goed of door de belanghebbenden aangetekend op de hoogte te brengen. Als er hierna geen beroep wordt aangetekend, mag je effectief van start gaan, volgens de gestelde voorwaarden.

 

Noodgevallen

Wanneer het beschermde goed bedreigd wordt na bijvoorbeeld hevige weersomstandigheden dan is het niet nodig je vergunning of toelating af te wachten. Je neemt meteen voorlopig bewarende maatregelen, in afwachting van een duurzamere oplossing. Zo voorkom je bijkomend verlies van erfgoedwaarden. Je meldt elk schadegeval en de tijdelijke oplossing wel zo snel mogelijk aan een provinciale dienst van het agentschap Onroerend Erfgoed. Gebruik hiervoor dit formulier.

Links