Het Onroerenderfgoeddecreet

Voor monumenten, stads- of dorpsgezichten, landschappen en archeologisch erfgoed is de juridische grondslag het Onroerenderfgoeddecreet en het bijbehorend Onroerenderfgoedbesluit. Beiden zijn op 1 januari 2015 in werking getreden. Voor het luik archeologie gebeurde dit gefaseerd sinds 1 januari 2016. Het Onroerenderfgoeddecreet en -besluit bevatten de werkinstrumenten om te beschermen en te beheren. Een beknopt overzicht:

Het Onroerenderfgoeddecreet heft het vroegere Monumentendecreet (1976), het Landschapsdecreet (1996) en het Archeologiedecreet (1993) op. Sinds 1 januari 2015 zijn deze decreten niet meer van kracht wat betreft monumenten en landschappen en sinds 1 juni 2016 wat betreft archeologisch erfgoed. Voor beschermings- en premiedossiers die voor die datum zijn ingediend, geldt een overgangsperiode waarbinnen een aantal bepalingen blijven gelden. Ook voor vergunnings- en toelatingsaanvragen en voor beheersplannen zijn er overgangsregels. Meer hierover in onze brochure en op de pagina’s over Bescherming en over Premies.

Het archeologieluik trad gefaseerd in werking. De volledige operationalisering is er sinds 1 juni 2016. De gefaseerde inwerkingtreding van de nieuwe archeologieregels betekent een hele verandering, zowel voor bouwheren als voor archeologen. Onder het luik 'Veelgestelde vragen' en in dit document vind je een aantal algemene richtlijnen die helpen bij de overgangsperiode.

Vragen over het Onroerenderfgoeddecreet kan je via mail stellen bij jouw provinciale Onroerend Erfgoed dienst.

Links:

Wijzigingen aan het Onroerenderfgoeddecreet en het Onroerenderfgoedbesluit in het kader van het Kerntakenplan

Op 17 juli 2015 verleende de Vlaamse Regering goedkeuring aan de generieke besparingen en kerntakenplannen van de Vlaamse overheid. Het door de Vlaamse Regering goedgekeurde kerntakenplan van het agentschap Onroerend Erfgoed bevat een aantal beslissingen die een aanpassing van de onroerenderfgoedregelgeving en andere regelgeving vereisten:

  • het schrappen van het advies van het agentschap Onroerend Erfgoed m.b.t. onroerend erfgoed opgenomen in de vastgestelde inventaris bouwkundig erfgoed en de vastgestelde inventaris houtige beplantingen met erfgoedwaarde;
  • het schrappen van het advies van het agentschap Onroerend Erfgoed over aanvragen voor werken op percelen palend aan beschermde monumenten;
  • het schrappen van het advies van het agentschap Onroerend Erfgoed m.b.t. functiewijzigingen voor zonevreemde gebouwen opgenomen in de vastgestelde inventaris bouwkundig erfgoed;
  • het uitbreiden van de opdracht van erkende onroerenderfgoedgemeenten met de bekrachtiging van archeologienota’s;
  • het schrappen van de formele aanvraag en goedkeuring van de aanvraag tot opmaak van een beheersplan;
  • het verplicht maken van een motivering voortbouwend op het beheersplan voor alle door een beheersplan niet-vrijgestelde toelatingsplichtige handelingen door de aanvrager;
  • het focussen op beschermd erfgoed waardoor het toekennen van de Onroerenderfgoedprijs enkel gebeurt voor projecten m.b.t. beschermd erfgoed of erfgoedlandschappen.

Het “ontwerp van decreet houdende wijziging van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en van diverse decreten wat betreft de uitvoering van het kerntakenplan van het agentschap Onroerend Erfgoed en wat betreft de financiële en technische aanpassingen” werd op 18 december 2015 een eerste keer principieel, en op 11 maart 2016 een tweede keer principieel en op 13 mei 2016 definitief goedgekeurd door de Vlaamse Regering. Op 6 juli 2016 werd de tekst aangenomen door het Vlaams Parlement. Daarna werd ook het Onroerenderfgoedbesluit aangepast. De aangepaste regelgeving trad op 1 januari 2017 in werking. In de gecoördineerde versie van het Onroerenderfgoeddecreet vind je de wijzigingen terug. (Gebruik je Internet Explorer? Zorg dan dat je de meest recente Acrobate Reader DC gebruikt om documenten correct te downloaden).

Wijzigingen aan het Onroerenderfgoeddecreet en het Onroerenderfgoedbesluit op het vlak van premies en technische wijzigingen

Tegelijk met de wijzigingen in het kader van het kerntakenplan werden er in het Onroerenderfgoeddecreet en het Onroerenderfgoedbesluit ook een aantal technische reparaties en wijzigingen met betrekking tot het premiestelsel aangebracht. Ook deze wijzigingen traden op 1 januari 2017 in werking.

Voor de premiedossiers op de “wachtlijst” (dus restauratiepremies aangevraagd vóór 1 januari 2015 op basis van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2001 houdende vaststelling van het premiestelsel voor restauratiewerkzaamheden aan beschermde monumenten) wordt de aanvaarde kostenraming niet langer vermeerderd met de btw. De “oude regelgeving” financieerde immers een deel van de algemene kosten en het niet recupereerbare deel van de btw. Hierdoor is bij het merendeel van de dossiers op de wachtlijst het uiteindelijk betaalde premiebedrag hoger dan het subsidieerbaar bedrag. Er wordt m.a.w. meer betoelaagd dan datgene wat in aanmerking komt voor betoelaging. Bovendien levert de betoelaging van de btw geen enkele bijdrage aan de onroerenderfgoedzorg. Er is dan ook voor gekozen de aanvaarde kostenraming niet langer te verhogen met de btw.

Voor de aanvragen voor een premie voor beschermde monumenten die bestemd zijn voor een erkende eredienst, kan geen premie op basis van de oude regelgeving worden toegekend zolang er geen actueel kerkenbeleidsplan aan het agentschap werd bezorgd. Als het agentschap op 1 oktober 2017 geen actueel kerkenbeleidsplan heeft ontvangen, moet een nieuwe premieaanvraag overeenkomstig de nieuwe regelgeving worden ingediend. De kerkfabrieken worden hierover aangeschreven en krijgen negen maanden de tijd om een door de gemeenteraad goedgekeurd kerkenbeleidsplan voor te leggen. Ook de gemeentebesturen worden hierover, als toezichthoudende overheid, aangeschreven.

Links:

Het Varenderfgoeddecreet

Het behoud en het beheer van varend erfgoed wordt geregeld in het decreet van 29 maart 2002 (Varenderfgoeddecreet). Dit decreet werd grondig gewijzigd door het decreet van 9 mei 2014. De Vlaamse Regering keurde op 27 november 2015 een nieuw uitvoeringsbesluit bij dit gewijzigde decreet goed (Varenderfgoedbesluit). Deze vernieuwde regelgeving trad op 1 januari 2016 in werking. 

Het varenderfgoeddecreet en -besluit bevatten de werkinstrumenten om varend erfgoed in Vlaanderen te inventariseren, te beschermen, te beheren en ondersteunen.

Links: