Een vaststelling is niet nieuw als het gaat over bouwkundig erfgoed. Sinds 2009 wordt de inventaris van het bouwkundig erfgoed jaarlijks vastgesteld. Erfgoedobjecten die waardevol zijn, maar niet beschermd, krijgen hierdoor toch een aantal rechtsgevolgen. Dit principe wordt nu uitgebreid naar vier bijkomende inventarissen. Het Onroerenderfgoeddecreet voorziet in totaal minstens zes vastgestelde inventarissen:

De vastgestelde inventarissen kan je raadplegen via het geoportaal.
Ze zijn gebaseerd op de wetenschappelijke inventarissen. De minister kan deze inventarissen volledig vaststellen, ofwel een selectie ervan. Zo’n vaststelling verloopt volgens een bepaalde procedure en heeft bepaalde en/of specifieke rechtsgevolgen, die verschillen van de procedure en de rechtsgevolgen van een bescherming. Let op: voor de vaststelling van de kaart met 'gebieden waar geen archeologisch erfgoed te verwachten valt' geldt vanaf 1 januari 2017 een versnelde vaststellingsprocedure.

Hoe en waarom een item in een vastgestelde inventaris wordt opgenomen, is vastgesteld in een methodologie:

Een vastgesteld inventarisitem kan door de gemeente, provincie of het Vlaams Gewest in een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) als basis gebruikt worden voor de afbakening van een erfgoedlandschap. Daarbij worden de maatregelen voor het behoud van de erfgoedwaarden en -kenmerken ingeschreven in de stedenbouwkundige voorschriften.