Welke werken komen in aanmerking?

Onder restauratie- en onderhoudswerken die in aanmerking komen voor belastingvermindering beschouwen we dezelfde werken als deze opgesomd in de richtlijn die toegepast wordt bij erfgoedpremies.

Over welke sommen gaat het?

30% van de helft van de restauratie- of onderhoudsuitgaven voor een gebouwd onroerend goed kun je in mindering brengen van je netto te betalen belastingen. Het bedrag dat je in mindering brengt bedraagt 30% van maximaal 38.180 euro. De kosten die je al met een premie terugvorderde, worden niet meegerekend.

Stel: je hebt 20.000 euro onderhoudskosten en je kreeg een onderhouds- of restauratiepremie van 40% (of  8.000 euro). Trek de premie van je totale onderhoudskost af (20.000 euro  – 8.000 euro = 12.000 euro) en vul dit bedrag (dus 12.000 euro) in op je belastingaangifte. De Federale Overheidsdienst Financiën neemt de helft van dit aangegeven bedrag en past daar de 30% op toe. Je zult dan 1.800 euro minder belastingen betalen (12.000 euro gedeeld door 2 en daar 30 % van).

Voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor de belastingvermindering, moet het wel degelijk om ‘gebouwd onroerend erfgoed’ gaan dat aan een aantal voorwaarden voldoet. Zo moet het gaan om werken aan een beschermd gebouw (monument, stads- of dorpsgezicht of cultuurhistorisch landschap), mag het gebouw niet verhuurd worden en moet het publiek toegankelijk zijn. Publiek toegankelijk betekent dat het resultaat van de werken zichtbaar is voor het publiek. Voor gevel- en dakwerken volstaat het dat het resultaat zichtbaar is vanaf de openbare weg. Voor andere werken (aan het interieur, de achtergevel, …) is een openstelling van het gebouw vereist.

Procedure

Voldoe je aan de voorwaarden? Dan ga je als volgt te werk:  

  1. Onderzoek voor je met de werken start of je een toelating voor de geplande werken nodig hebt. Een toelating vraag je aan met het formulier ‘Toelatingsaanvraag voor werken aan onroerend erfgoed‘. Wanneer de geplande werken betrekking hebben op goederen die gelegen zijn binnen een stads- of dorpsgezicht en deze niet stedenbouwkundig vergunningsplichtig zijn, dan meld je dit bij het betrokken gemeentebestuur. Hiervoor gebruik je het formulier ‘Melding van werkzaamheden binnen stad- en dorpsgezichten.
  2. Zijn de werken uitgevoerd? Vraag dan een attest aan met het formulier ‘Attest voor belastingvermindering'  bij je provinciale dienst van het agentschap Onroerend Erfgoed of bij je gemeente, indien het goed gelegen is in een onroerenderfgoedgemeente.
    Opgepast! Vanaf 2017 kan je dit attest aanvragen tot ten laatste 15 januari van het jaar volgend op het jaar waarin de werken beëindigd werden. Als overgangsmaatregel vragen we om in 2017 tot 1 juli attesten aan te vragen voor het jaar 2016.
  3. Is het effect van de werken niet zichtbaar vanaf de openbare weg?  Dan vraag je met het formulier de ‘Erkenning publieke toegankelijkheid’ aan. Een erkenning blijft tien jaar geldig.
  4. Hou het document ‘Erkenning publieke toegankelijkheid‘ en het ‘Attest voor belastingvermindering’ beschikbaar bij je belastingaangifte, of hou ze beschikbaar als je via tax-on-web je belastingaangifte doet. Dit doe je elk jaar voor de werken die zijn uitgevoerd in het vorige jaar.

Meer weten over belastingvermindering?

Neem contact op met een provinciale dienst van het agentschap Onroerend Erfgoed.

Links