Premiepercentages

  • ZEN-erfgoed staat voor beschermd erfgoed Zonder Economisch Nut. Dat wil zeggen dat de eigenaar of de beheerder geen opbrengst of nut heeft bij het gebruik en beheer ervan. Voorbeelden zijn een fontein, een kiosk, een kunstmatige grot of een archeologische site in de ondergrond. ZEN-erfgoed wordt formeel erkend in een beheersplan (zie verder).
     
  • Onderwijsgebouwen zijn onroerende goederen die op grond van hun onderwijsbestemming vrijgesteld zijn van onroerende voorheffing.
     
  • Beschermde goederen in eigendom van een lokale overheid zijn goederen in eigendom van een gemeente, autonoom gemeentebedrijf, OCMW, OCMW-vereniging of een sociale huisvestingsmaatschappij. Worden die goederen ook gebruikt voor de erkende eredienst of als onderwijsgebouw, dan kunnen verschillende premiepercentages en –voorwaarden gelden. Hiervoor kan je dit stroomschema consulteren.
     
  • Open erfgoed is beschermd erfgoed dat actief en op regelmatige basis opengesteld wordt met als bedoeling de erfgoedwaarde ervan in de kijker te plaatsen. De voorwaarden zijn opgelijst in artikel 8.4.1 van het Onroerenderfgoedbesluit. Open erfgoed wordt formeel erkend in een beheersplan (zie verder). Meer informatie over de voorwaarden, de aanvraag vind je in de inspiratienota open erfgoed.
     
  • Eredienstgebouwen zijn alle gebouwen die effectief en regelmatig gebruikt worden voor een erkende eredienst, vermeld in het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten. Het kan dus gaan over zowel kerken, synagogen als moskeeën. LET OP: voor beschermde gebouwen bestemd voor erkende eredienst kunnen verschillende premiepercentages en –voorwaarden gelden. Hiervoor kan je dit stroomschema consulteren.
    Wil je een onroerenderfgoedpremie aanvragen voor een gebouw dat gebruikt wordt voor een erkende eredienst, dan moet je voor dit gebouw eerst een kerkenbeleidsplan opstellen. Meer informatie over de inhoud van een kerkenbeleidsplan vind je in de inspiratienota kerkenbeleidsplannen. Je vindt ook uitgebreide informatie, een voorbeeld en een sjabloon voor de opmaak van een kerkenbeleidsplan op de website van het Centrum voor Religieuze Kunst en Cultuur (CRKC).

Beheersplannen

Je hebt bijna altijd een goedgekeurd beheersplan nodig vooraleer je een erfgoedpremie kan aanvragen. Alleen wanneer het goed enkel beschermd is als monument en de erfgoedpremie 40% bedraagt, is dat niet noodzakelijk. Tenzij de betreffende maatregelen, werken of diensten een ‘combinatie van gespecialiseerde werkzaamheden’  of cultuurgoederen betreffen. Alle herwaarderingsplannen en landschapsbeheersplannen die zijn goedgekeurd vóór 01.01.2015 worden automatisch beschouwd als een beheersplan volgens het nieuwe systeem. Wanneer je wilt gebruikmaken van de statuten ZEN-erfgoed of open erfgoed, moet je de bestaande plannen eerst aanpassen.

Weet je niet zeker of je een beheersplan nodig hebt voor de aanvraag van een erfgoedpremie? Met dit stroomschema vind je het antwoord. Ga eerst na wat het beschermingsstatuut van het goed in kwestie is via geo.onroerenderfgoed.be.

Erfgoedpremie op forfaitaire basis

Zowel bij de standaard-als bij de bijzondere procedure kunnen erfgoedpremies ook op forfaitaire basis worden aangevraagd. In dat geval wordt de premie niet toegekend op basis van offertes. Dat kan bijvoorbeeld interessant zijn als je de werken zelf wil uitvoeren. Het agentschap zal wel komen vaststellen of de werken uitgevoerd zijn volgens de regels van de kunst. Om het bedrag van de erfgoedpremie op forfaitaire basis te kennen, raadpleeg je de tabel met vaste bedragen.

Welke werken komen in aanmerking?

In toepassing van de onroerenderfgoedregelgeving kunnen erfgoed- en onderzoekspremies worden toegekend. De regelgeving is echter niet in die mate sluitend dat het voor elke situatie zonder meer duidelijk is in welke mate een werk voor een behouds- of herwaarderingsproject voor een onroerenderfgoedlocatie betoelaagbaar is. De regelgeving laat interpretaties en keuzes toe, die een belangrijke impact kunnen hebben op het beschikbare premiebudget.

In antwoord op de expliciete beleidsvraag om premies selectiever toe te kennen werd een richtlijn opgesteld, die de interpretaties en keuzes stroomlijnt. De richtlijn is formeel bekrachtigd door de minister op 9 maart 2017 en is van toepassing voor de dossiers die bij het agentschap ingediend worden vanaf maandag 13 maart 2017. Deze richtlijn heeft dus invloed op de betoelaagbaarheid van werken opgenomen in een dossier dat eerder besproken werd met het agentschap, maar nog niet formeel inhoudelijk goedgekeurd werd.