Hoeveel bedraagt de premie?

De basis voor de berekening is de kostenraming, zonder maximumbedrag. De btw is niet betoelaagbaar en zal niet in aanmerking genomen worden bij berekening van de premie. De toekenning verloopt in twee fasen, met een voorlopige en een definitieve toekenning.

Het gebruikelijke premiepercentage is 40%. Voor bepaalde type van erfgoed is een verhoogd premiepercentage voorzien, bijvoorbeeld voor ZEN-erfgoed, open erfgoed, onderwijsgebouwen en gebouwen bestemd voor een erkende eredienst.

Hoe vraag je de premie aan?

Gezien de grotere omvang van de werkzaamheden, start je best met de aanstelling van een deskundig ontwerper die ook de opmaak van het premiedossier zal begeleiden. De samenwerking met een ontwerper wordt sterk aangeraden omdat het premiedossier ook opmetingsplannen van de bestaande en nieuwe toestand, een diagnosenota van de technische en fysische problemen, een motivering van de beheersmaatregelen, een gedetailleerde en volgens post geordende beschrijving van de beheersmaatregelen (het lastenboek) en een kostenraming (de meetstaat) moet bevatten (art.11.2.28 van het Onroerenderfgoedbesluit).

Je vraagt best ook een voorafgaand overleg met de betrokken erfgoedconsulent aan. Neem daarvoor contact op met de provinciale dienst van het agentschap.

Voor de eigenlijke aanvraag van de premie gebruik je het aanvraagformulier.

Wanneer het dossier ontvankelijk is, krijg je alvast de formele toelating van het agentschap toegestuurd. Starten met de uitvoering kan dan nog niet, daarvoor wacht je op de latere toekenning van de premie. Vergunningen die verplicht zijn volgens een andere regelgeving, moet je in elk geval nog apart aanvragen. Opgelet: als het erfgoed gelegen is in een erkende onroerenderfgoedgemeente, verleent de gemeente de toelating voor de werken en dien je jouw premieaanvraag niet in bij het agentschap, maar bij de onroerenderfgoedgemeente. Betrek de gemeente dan ook tijdig bij het opstellen van het dossier.

Het dossier wordt vervolgens door het agentschap op een wachtlijst geplaatst. Erfgoedpremies aangevraagd volgens de bijzondere procedure worden in principe chronologisch toegekend. De volgende aanvragen krijgen voorrang (art.11.2.6 van het Onroerenderfgoedbesluit):

  • Aanvragen voor maatregelen, werkzaamheden of diensten die zijn opgenomen in een goedgekeurd beheersplan.
  • Aanvragen waarvoor een erfgoedpremie werd toegekend en waarvoor de geraamde kostprijs geactualiseerd dient te worden op basis van de officiële prijsindexen van de loonkost en de materiaalprijzen in de bouwsector.
  • Onvoorzienbare meer- en bijwerken.

De volgende aanvragen krijgen eveneens voorrang (ministerieel besluit van 16 maart 2015):

  • Aanvragen die gekoppeld zijn aan een cofinanciering door een andere subsidiërende overheid of een instantie van de Europese Unie, waarvan de kredieten dreigen verloren te gaan door een latere toekenning.
  • Aanvragen die hoogdringend zijn omdat de staat van het erfgoed de openbare veiligheid, de stabiliteit of de erfgoedwaarde in het gedrang brengt. De hoogdringendheid moet aangetoond worden in een objectief rapport.
  • Aanvragen van premienemers die in het erfgoed wonen of van plan zijn er te gaan wonen. De premienemer moet een natuurlijk persoon zijn en het erfgoed een hoofdverblijfplaats. 
  • Aanvragen waarbij het premiedossier minder dan een derde van de totale investeringskost bedraagt.
  • Aanvragen die gegund worden binnen de meesterproef Herbestemming, georganiseerd door het agentschap en de Vlaamse Bouwmeester.
  • Aanvragen voor beschermde goederen die verhuurd worden of zullen worden als sociale huurwoning.

Zodra de erfgoedpremie is toegekend word je hiervan op de hoogte gebracht. Je bezorgt ons dan een gunningsdossier. Daarin concretiseer je de werken en de uitvoerder(s) ervan. Op basis daarvan wordt het definitieve premiebedrag bepaald.

Kan je meerdere erfgoedpremies aanvragen?

Voor erfgoedpremies volgens de bijzondere procedure geldt geen maximum aantal aanvragen per jaar. Het is ook mogelijk een bijkomende erfgoedpremie aan te vragen voor meer- en bijwerken. Meerwerken zijn werkzaamheden die uitgebreider blijken dan gepland. Bijwerken zijn bijkomende werkzaamheden die niet zijn opgenomen in de toegekende premie, maar die wel nodig zijn om het project tot een goed einde te brengen. De bijkomende erfgoedpremie voor dit soort werken is beperkt tot 10% van het bedrag van de definitieve premie, met een maximum van 125.000 euro.

Wanneer wordt de premie uitbetaald?

Bij een erfgoedpremie volgens de bijzondere procedure mag je pas met de werken starten nadat de premie definitief is toegekend. Je kunt op dat moment een voorschot van 50% van het toegekende bedrag opvragen. Het restbedrag wordt betaald na controle van het uitbetalingsdossier. Dat dossier moet je indienen binnen de vijf jaar na toekenning van de premie. Op gemotiveerd verzoek kun je die termijn één keer laten verlengen. Deze procedure start je met het indienen van een aanvraagformulier tot uitbetaling.

Wanneer kan je starten met de werken?

Binnen de bijzondere procedure mag je in principe pas starten met de werken na de toekenning van de premie. In uitzonderlijke omstandigheden kan hierop een afwijking worden toegestaan. Ook bij dreigend verlies van een relevante en substantiële cofinanciering kun je een uitzondering bekomen (art.11.2.27 van het Onroerenderfgoedbesluit). Voor de versnelde start vraag je vooraf een akkoord aan het agentschap. Binnen de 45 dagen ontvang je een antwoord. Als je de werken mag uitvoeren, houd je je aan die handelingen die expliciet goedgekeurd zijn. Doe je dat niet, dan verlies je de premie.