Archeologen bestuderen de geschiedenis van de mens en zijn omgeving, aan de hand van materiële resten in en boven de grond. Door het bodemarchief te lezen, geven ze een beter beeld van het verleden.

Archeologische resten en sporen zijn heel divers, tastbaar en ontastbaar. Dit kan gaan van verkleuringen in de grond,  werktuigen, munten of bakstenen tot resten van mensen, paarden of zelfs pollen van graan. Een deel van dit bodemarchief ligt ook onder water, zoals scheepswrakken, drijvende inrichtingen met hun lading en uitrusting in zee, verdronken nederzettingen, enz. Zij behoren tot het maritiem archeologisch erfgoed. Al deze archeologische resten geven ons een steeds beter beeld van het verleden.