Welke bevoegdheden en taken heeft een lokaal bestuur voor onroerend erfgoed?

Inventariseren van onroerend erfgoed 

Alle steden en gemeenten zijn sinds 2017 bevoegd voor het inventariseren van bouwkundig en landschappelijk erfgoed op hun grondgebied. Vanaf 2023 krijgen alle steden en gemeenten de mogelijkheid hun inventarisgegevens zelf in te voeren op de Inventaris van het Onroerend Erfgoed

Erkende onroerenderfgoedgemeenten zijn verplicht om bouwkundig en landschappelijk erfgoed in hun gemeente te inventariseren. Andere steden en gemeenten nemen deze taak vrijblijvend op, vanuit hun lokale erfgoedbeleid.  

Intergemeentelijke onroerenderfgoeddiensten (IOED’s) kunnen steden en gemeenten ondersteunen bij het inventariseren. 

Uitwerken van een onroerenderfgoedbeleid 

Elk lokaal bestuur kan autonoom een lokaal onroerenderfgoedbeleid uitbouwen. We verzamelden alle informatie daarover op een aparte pagina.  

De voorbereiding van het Vlaamse onroerenderfgoedbeleid is de bevoegdheid van het agentschap Onroerend Erfgoed. Vanaf de volgende beleidsperiode gaat het agentschap in dialoog met het lokale bestuursniveau over de gedeelde prioriteiten daarbij. 

Vaststellen van inventarissen onroerend erfgoed 

Vanaf 1 januari 2023 kunnen erkende onroerenderfgoedgemeenten inventarissen van bouwkundig en landschappelijk erfgoed op hun grondgebied vaststellen en er toelatingsplichten aan koppelen. De vaststelling van deze inventarissen is niet verplicht. De laatste (Vlaamse) vaststelling blijft gelden zolang de betrokken lokale erkende instanties zelf niet vaststellen.  

De Vlaamse overheid blijft ook na 2023 bevoegd voor het vaststellen van het varend erfgoed, de landschapsatlas en de archeologische zones. De Vlaamse overheid voert haar bevoegdheid om inventarissen van bouwkundig erfgoed vast te stellen nog uit met twee vaststellingsdossiers: 

  • De vaststellingsprocedure van de inventaris bouwkundig erfgoed in Oost-Vlaanderen is lopende. Het openbaar onderzoek liep van 1 april 2022 tot en met 30 mei 2022. De eindbeslissing over het vaststellingsbesluit neemt de minister bevoegd voor onroerend erfgoed midden 2023. 
  • De vaststelling van de inventaris bouwkundig erfgoed in West-Vlaanderen staat op de planning voor 2023-2024. Het agentschap Onroerend Erfgoed organiseert het openbaar onderzoek in het voorjaar van 2023.  

De vaststellingsprocedures van de inventaris bouwkundig erfgoed in de provincies Limburg, Antwerpen en Vlaams-Brabant werden de afgelopen jaren afgerond. Met de vaststellingsprocedures in Oost- en West-Vlaanderen zorgt de Vlaamse overheid ervoor dat voor de bestaande inventarissen bouwkundig erfgoed overal in Vlaanderen dezelfde generieke rechtsgevolgen zullen gelden. 

Vergunnen, beheren en adviseren van onroerend erfgoed 

Lokale besturen hebben via het instrumentarium uit de omgevingswetgeving aanknopingspunten om in te zetten op het behoud van onroerend erfgoed.  

Lokale besturen kunnen onroerend erfgoed op verschillende manieren een formeel statuut geven. 

Alle steden en gemeenten kunnen volgende instrumenten inzetten voor het beheer van onroerend erfgoed: 

  • Ze kunnen de rechtsgevolgen van de vastgestelde inventarissen van bouwkundig en landschappelijk erfgoed en van archeologische zones inzetten in hun vergunningenbeleid.  
  • Ze kunnen een gemeentelijke erfgoedverordening laten goedkeuren door de gemeenteraad. Zo’n verordening bevat een lijst van het erfgoed en een visie daarop. 
  • Ze kunnen een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) opstellen dat onder meer aangeeft welke goederen beeldbepalend zijn, niet mogen gesloopt worden en hoe de ontwikkelingen verder kunnen gebeuren. 
  • Ze kunnen landschappelijke gehelen uitdrukkelijk vrijwaren via de aanduiding als erfgoedlandschap. Die aanduiding gebeurt via opname in een RUP.  
  • Ze kunnen een beheersplan opmaken voor beschermd onroerend erfgoed of voor een erfgoedlandschap op hun grondgebied. 
  • Ze kunnen meewerken aan de opmaak van een onroerenderfgoedrichtplan of de uitvoering van acties in het actieprogramma. 
  • Ze kunnen gemotiveerde informatie aanbieden aan het agentschap, om op basis daarvan een gebied vast te stellen als gewestelijk GGA-gebied (Gebied Geen Archeologie). Zo zorgt het lokaal bestuur ervoor dat de ruimtelijke ontwikkelingen in haar gemeente vergemakkelijken. 

Erkende onroerenderfgoedgemeenten hebben meer instrumenten, taken en bevoegdheden.  

Ze kunnen dezelfde instrumenten inzetten als alle andere lokale besturen, maar nemen daarbovenop dankzij hun erkenning bepaalde beheer-gerelateerde taken en bevoegdheden over van Vlaanderen: 

  • Ze hebben de taak toelatingen te geven voor handelingen aan beschermd erfgoed waarvoor geen omgevingsvergunning vereist is. En ze staan in voor de opvolging van deze toelatingen.  
  • Ze hebben de taak akte te nemen van of voorwaarden te koppelen aan archeologienota’s en nota’s. Ook wanneer de gemeente zelf een vergunningsaanvraag voorbereidt.  
  • Ze hebben de taak toelatingen te geven voor archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem.  

Vanaf 1 januari 2023 verruimt het pakket taken en bevoegdheden van erkende onroerenderfgoedgemeenten met: 

  • Ze krijgen de taak aan handhaving te doen en een verbalisant aan te stellen.  Onroerenderfgoedgemeenten die erkend zijn voor 2023 stellen ten laatste tegen 31 december 2023 die gemeentelijk verbalisant onroerend erfgoed aan. 
  • Ze krijgen de bevoegdheid voor het eigen grondgebied de inventarissen van bouwkundig en landschappelijk erfgoed geheel of gedeeltelijk vast te stellen. Ze kunnen aan onroerende goederen in die inventarissen een aantal toelatingsplichtige handelingen opleggen. We leggen hier uit wat dat inhoudt. 

Intergemeentelijke onroerenderfgoeddiensten (IOED’s) hebben geen eigen bevoegdheden of taken, maar kunnen ook op beheervlak actief zijn. Zij kunnen voor de gemeenten in hun regio een aantal taken ondersteunen of opnemen, zoals het adviseren van vergunningsaanvragen voor niet-beschermd erfgoed of het opstellen van beheersplannen. 

Archeologische toevalsvondsten 

De Visienota Lokaal Onroerenderfgoedbeleid voorziet vanaf 2023 de mogelijkheid tot samenwerking tussen het agentschap en de lokale besturen op het vlak van archeologische toevalsvondsten. Vlaanderen behoudt de decretale opdracht en bevoegdheid om onderzoek na toevalsvondsten uit te voeren, maar neemt deze voortaan op in samenwerking met lokale besturen, onroerenderfgoedgemeenten en IOED’s.  

De lokale besturen krijgen zo de kans hun lokale expertise en (technische en logistieke) ondersteuning/capaciteit in te zetten ter ondersteuning van het agentschap. Het agentschap staat in voor de coördinatie en administratie van toevalsvondsten. De samenwerking wordt verankerd in een samenwerkingsovereenkomst. 

Beschermen van onroerend erfgoed 

Voor het beschermen van onroerend erfgoed  is enkel de Vlaamse overheid bevoegd. Vanaf de volgende Vlaamse regeerperiode (2024) hebben lokale besturen inspraak in het beschermingsbeleid. Het voorstel met beschermingsthema’s en planning dat het agentschap voorlegt aan de minister houdt rekening met de inbreng van het lokale bestuursniveau. Onroerenderfgoedgemeenten en IOED’s zijn de voorkeurspartners hierbij. Lokale besturen die dat wensen kunnen helpen bij de uitwerking van een thema tot concrete beschermingsdossiers. 

Financieel ondersteunen van onroerend erfgoed 

De financiële ondersteuning van eigenaars en beheerders van beschermd onroerend erfgoed via erfgoedpremies is één van de kerntaken van de Vlaamse overheid.  

Lokale besturen en provincie kunnen een eigen premie-aanbod uitwerken voor werken aan niet-beschermd erfgoed.